Jeanne d’Arc

Een waargebeurd verhaal

 29,90

Wie was Jeanne d’Arc echt? De overgeleverde verhalen zitten vol tegenstrijdigheden en daarom keert Edward De Maesschalck terug naar de bronnen, die vaak in het Latijn zijn opgesteld: het proces tegen Jeanne d’Arc uit 1431, maar ook het latere proces van eerherstel uit 1456. Zo reconstrueert hij het onwaarschijnlijke verhaal over de wijze waarop een jong boerenmeisje erin slaagt de oorlog tussen Engeland en Frankrijk een andere wending te geven. Hoe ze in 1430 in Compiègne wordt gevangengenomen en uitgeleverd aan de Engelsen die haar willen veroordelen voor ketterij. Ze verschijnt in Rouen voor de inquisitie en belandt uiteindelijk na een lang proces op de brandstapel.

De moed van Jeanne is onvoorstelbaar. Ontluisterend evenwel is de confrontatie met het extreme gedrag van mensen in oorlogstijd: van nobele eerbaarheid tot pijnlijke onverschilligheid en infame collaboratie. In die zin is het verhaal van Jeanne d’Arc er een van alle tijden.

Edward De Maesschalck is doctor in de middeleeuwse geschiedenis. Hij publiceerde eerder Leuven en zijn colleges. Trefpunt van intellectueel leven in de Nederlanden (1425-1797), Moed en tegenspoed. Edelvrouwen in de Bourgondische tijd, en De hertogen van Brabant (640-1430).

Verschijningsvorm:
Paperback
Taal:
Nederlands
Uitgeverij:
Sterck & De Vreese
Aantal pagina's:
272
Druk:
1
ISBN:
9789464714593
Gewicht:
772 gram
Afmeting:
242x173x21 mm
Uitgiftedatum:
13-02-2026
Bekijk meer informatie over de auteur(s) van deze titel:

Gerelateerde boeken

  • Milete

    Bakermat van de wetenschap
    Hans Dijkhuis
     22,90
  • Zul oes Sunterklaos wel kommen

    Zul oes Sunterklaos wel kommen

    Sinterklaasviering in Drenthe door de eeuwen heen
    Abel Darwinkel
     20,00

    Zul oes Sunterklaos wel kommen

    De eerste decennia van de twintigste eeuw bestonden er nog grote regionale en sociale verschillen in de viering van het Sinterklaasfeest. Pakjesavond was een stedelijk verschijnsel dat op het platteland nauwelijks voorkwam. In dorpen werd wel een schoen of klomp gezet met iets voor het paard, maar alleen in burgerlijke kringen was het pakjesavond en verscheen de Sint ook zelf. Scholen gebruikten Sinterklaas als steun bij de opvoeding en ontleenden er prestige aan.

    Daarnaast bood de nieuwe viering een alternatief tegen de wilde vormen van sinterklaasvieren die nog op het platteland bestonden: het Klaasjagen, Zwarte Klazen of Sunterklaoslopen. Lawaai makende jongelui trokken potsierlijk verkleed, met onherkenbaar gemaakte zwarte gezichten en uitgerust met kettingen langs de huizen. Ze vroegen naar stoute kinderen, maakten kinderen bang, strooiden pepernoten en vroegen om geld of lekkers. Eind negentiende, begin twintigste eeuw groeide het verzet tegen dit wilde gedoe dat gezien wordt als een vorm van bedelarij. Daartegenover stelde men de nieuwe beschaafde Sinterklaas. Dit proces van verburgerlijking heeft de uniformering van het feest in Nederland tot gevolg gehad.

    In dit boek wordt de Drentse Sinterklaastraditie van de afgelopen eeuwen beschreven. Aan het boek werken schrijvers mee die al dan niet in het Drents over Sinterklaas in Drenthe vertellen.

    “Een feest als Sinterklaas dat door zovelen wordt gevierd kun je moeilijk beschermen, want het is een cultureel proces dat voortdurend in beweging is. Sinterklaas zal blijven veranderen.” Henk Nijkeuter

    “Kalenderfeesten en tradities veranderen door de jaren heen. Als iets duidelijk wordt uit dit boek is het wel dat dat in hoge mate geldt voor het Sinterklaasfeest.” Abel Darwinkel

     20,00
  • Onderweg naar 1832

    Onderweg naar 1832

    Een groepsbiografie uit de Groningse school
    Mineke van Essen
     22,50

    Onderweg naar 1832

    Onderweg naar 1832 vertelt het verhaal van zes jonge mensen uit eenvoudige milieus, met ieder een bijzondere geschiedenis. Twee vrouwen en vier mannen, van wie één met Joodse migrantenwortels. Het speelt tegen de achtergrond van de schoolwereld uit de vroege negentiende eeuw en loopt vanaf hun kindertijd tot 1832. In dat jaar waren ze als dertigers aanwezig op een legendarisch jubileumfeest ter ere van hun onderwijsinspecteur. Ze hadden toen, gegeven hun afkomst en sekse, binnen het onderwijs opvallend carrière gemaakt. Op basis van historische bronnen laat het boek zien hoe dit kwam en wat ze onderweg naar 1832 meemaakten.

    Samen geven de zes biografische verhalen een beeld van vroege ontwikkelingen binnen het lerarenberoep. Onderwijsvernieuwing was in deze periode het sleutelwoord. Geleidelijk nam daardoor de vakbekwaamheid toe, verbeterden de arbeidsomstandigheden en steeg het sociale aanzien van de beroepsgroep – maar alleen voor de mannen. Het boek maakt ook de onontkoombare man-vrouw verschillen van deze periode zichtbaar.

    De jonge levens van de zes speelden zich grotendeels af in de stad Groningen, toen een belangrijk centrum van onderwijsvernieuwing. Ze stonden in de voorhoede van de nieuwe Nederlandse school. Het boek vertelt de nauw met elkaar verweven verhalen over deze bijzondere pioniers: een idealistische dovenonderwijzer, de ontwerper van de pabo, Nederlands eerste kleuterpedagoge, een talenvirtuoos die botste op de grenzen van de tolerantie, een heel vroege carrièrevrouw, en de wegbereider van de Algemene Onderwijsbond (AOb). Ingekleurde momentopnamen van opvallende gebeurtenissen in hun bestaan – een dramatische vergadering, een liefde, een stedentripje naar Amsterdam, een onvergetelijke les – brengen de personen tot leven. Een bijzondere combinatie van feiten en fictie.

    Mineke van Essen is historisch pedagoog en emeritus hoogleraar van de Rijksuniversiteit Groningen.

     22,50