De betovering van de ondergang

Wat Pompeï ons vertelt
Gabriel Zuchtriegel

 24,90

Elke avond wandelt archeoloog en directeur van Pompeii Gabriel Zuchtriegel door de straten van de antieke stad, die bij de uitbarsting van de Vesuvius in 79 n.Chr. onder een metersdikke aslaag bedolven werd. Geconfronteerd met de bijzondere restanten van de ooit bruisende stad, overpeinst hij wat Pompeii zo bijzonder maakt. Waarom bezoeken wij deze plek en wat verwachten wij daar te vinden?

Zuchtriegel neemt de lezer mee op een betoverende reis door de eeuwen heen en laat zien hoe relevant de oudheid ook in onze tijd nog is. Deze reis vol ontdekkingen voert van de eerste serieuze opgravingen in de 19e eeuw tot de meest recente vondsten die inzicht geven in het eenvoudige leven van slaven, armoede en overbevolking. Tevens werpt hij nieuw licht op de gangbare interpretatie van de beroemde muurschildering in de Villa der Mysteriën en het Huis van de Vettii.

Archeologie gaat volgens Zuchtriegel niet alleen over mooi objecten, maar ook over menselijke ervaring en sociale veranderingen. Vol passie en met diepgaande kennis toont hij hoe Pompeii ook in de moderne tijd nog altijd resoneert met onze eigen ervaringen, gevoelens en verhalen. Zijn persoonlijke visie zorgt ervoor dat iedereen geraakt kan worden door deze betoverende schoonheid van de ondergang.

Verschijningsvorm:
Paperback
Taal:
Nederlands
Uitgeverij:
Noordboek
Aantal pagina's:
256
Druk:
1
ISBN:
9789464711073
Gewicht:
752 gram
Afmeting:
221x172x23 mm
Uitgiftedatum:
19-07-2024

Gerelateerde boeken

  • Fokje Pasma (1865-1956)

    Fokje Pasma (1865-1956)

    Boerin, vroedvrouw, muze van Pieter Jelles Troelstra
    Bertus Mulder
     24,90

    Fokje Pasma (1865-1956)

    De doopsgezinde Friese boerendochter Fokje Pasma (1865-1956) was een zelfbewuste, dienstbare vrouw die haar eigen weg zocht. Ze was de muze van Pieter Jelles Troelstra, bevrijdde zich van een gewelddadige echtgenoot en verschafte zich economische onafhankelijkheid door als alleenstaande moeder alsnog een opleiding te volgen. Ze vestigde zich als vroedvrouw in Oostburg en Vlissingen, waar ze in 1914 het Moederhuis oprichtte. Ook was ze de stuwende kracht achter de oprichting van een Vereniging tot Kraamverzorging en Zuigelingenbescherming in Vlissingen.

    Bertus Mulder (Heerenveen, 1949) studeerde arbeidssociologie, was docent sociale geschiedenis en promoveerde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Eerder schreef hij biografieën over Jaap Nieuwenhuize en Sophie Louisa Kwaak en verschenen zijn studies over Pieter Jelles Troelstra.

     24,90
  • Hoog geboren, ambitieus en eigenzinnig

    Hoog geboren, ambitieus en eigenzinnig

    Marie Catherine Josephe, gravin van Merode en prinses van Rubempré en Everberg (1743-1794)
    Freeke De Meyer
     35,00
  • De liederlijke middeleeuwen

    De liederlijke middeleeuwen

    De andere kant van de mythe
    Jef Janssens
     24,90

    De liederlijke middeleeuwen

    De middeleeuwen van ridders en jonkvrouwen, lieflijke liederen van minnezangers zijn het resultaat van al te brave beeldvorming en in grote lijnen een concept van de negentiende eeuw. Maar hoe schraap je het laagje zoet glazuur van de mythe? De middeleeuwse cultuur laat, naast en zelfs lijnrecht tegen de hoofse idealen in, in woord en beeld een rauwere werkelijkheid doorschemeren. De teksten met diepreligieuze gebeden bevinden zich in het gezelschap van poepende jongeren en verleidelijke naakten …

    Is het gewoon humor? Bedoeld als aangename verpozing voor de lezer? Of willen die erotische tekeningen de tekst gewoon afbakenen? En hoe rijm je het ideaal van de hoofse liefde met de machocultuur waarbij de man voorrang geeft aan bevrediging van zijn begeerte boven de smachtende en geduldige liefde? Kunnen we met de blik van de eenentwintigste eeuw de meerzinnige betekenis van woorden en beelden wel helemaal doorgronden?

     24,90
  • Appelscha

    Appelscha

    Door de eeuwen heen
    Rinze Lenstra
     25,00

    Appelscha

    Appelscha door de eeuwen heen

    Appelscha. Een plaats met een lang en rijk verleden. Hoewel we de naam Appelscha voor het eerst halverwege de dertiende eeuw tegenkomen, was het gebied al lange tijd daarvoor, ver voor het begin van onze jaartelling, bewoond. Eeuwenlang vormden akkerbouw en veeteelt de belangrijkste bronnen van bestaan en bestond het dorp uit boeren en landarbeiders. Dit veranderde met de grootschalige afgraving van het noordoostelijk van de plaats gelegen hoogveengebied. Veenbazen en veenarbeiders van buiten vestigden zich aan de rand van het hoogveen. Naast het oorspronkelijke boerendorp vormde zich een veenkolonie. Tegelijkertijd verplaatste het centrum zich van het ‘oude’ naar het ‘nieuwe’ Appelscha.
    Het hoogveen verdween en de betekenis van de landbouw nam in de loop van de tijd af. Nieuwe middelen van bestaan werden gevonden in het toerisme, de industrie en dienstverlening.
    Deze sociaaleconomische ontwikkelingen worden in het boek beschreven. Daarnaast is er aandacht voor demografische en landschappelijke veranderingen, voor verenigingen (toneel, zang, muziek en sport), de gezondheidszorg, het kerkelijk leven, het lager onderwijs, de wegverbindingen, vaart en tramlijn.

    Rinze Lenstra (Appelscha 1945) studeerde economische en sociale geschiedenis. Hij werkte in het middelbaar beroepsonderwijs. Was medeauteur van Geschiedenis van Emmen en Zuidoost-Drenthe (1989) en schreef onder meer Anarchisme en syndicalisme in Spanje (2007).

     25,00