De betovering van de ondergang
€ 24,90
Elke avond wandelt archeoloog en directeur van Pompeii Gabriel Zuchtriegel door de straten van de antieke stad, die bij de uitbarsting van de Vesuvius in 79 n.Chr. onder een metersdikke aslaag bedolven werd. Geconfronteerd met de bijzondere restanten van de ooit bruisende stad, overpeinst hij wat Pompeii zo bijzonder maakt. Waarom bezoeken wij deze plek en wat verwachten wij daar te vinden?
Zuchtriegel neemt de lezer mee op een betoverende reis door de eeuwen heen en laat zien hoe relevant de oudheid ook in onze tijd nog is. Deze reis vol ontdekkingen voert van de eerste serieuze opgravingen in de 19e eeuw tot de meest recente vondsten die inzicht geven in het eenvoudige leven van slaven, armoede en overbevolking. Tevens werpt hij nieuw licht op de gangbare interpretatie van de beroemde muurschildering in de Villa der Mysteriën en het Huis van de Vettii.
Archeologie gaat volgens Zuchtriegel niet alleen over mooi objecten, maar ook over menselijke ervaring en sociale veranderingen. Vol passie en met diepgaande kennis toont hij hoe Pompeii ook in de moderne tijd nog altijd resoneert met onze eigen ervaringen, gevoelens en verhalen. Zijn persoonlijke visie zorgt ervoor dat iedereen geraakt kan worden door deze betoverende schoonheid van de ondergang.
Gerelateerde boeken
-
In ekstremist út Westergeast
€ 19,90In Westergeastmer dy’t fûl nasjonaal-sosjalist wurdt. En allike fûl Frysk nasjonalist. Dy’t alhiel yn de ban is fan it Oera Linda Boek. En ek fan hinnen. En boppedat, wol it meast bjusterbaarlik, fan wite wiven. Wat foar man wie
dat wol?Yn dizze biografy jout Oebele Vries in byld fan Jan Bartele Vries út Westergeast en fan de ûntjouwing fan syn tinken. It is de beskriuwing fan in tige fleurich en tagelyk djip tragysk man.
Oebele Vries is histoarikus. Hy is yn ’e fierte famylje fan Jan Bartele Vries en komt boppedat ek út Westergeast.
-
Rijk, maar niet in geld
€ 49,95Rijk, maar niet in geld vertelt het verhaal van twee opeenvolgende Friese uitgevers, Kamminga en Laverman, tegen de achtergrond van de intellectualisering van het Fries tussen 1920 en 1970. Deze periode is achteraf beschouwd de ‘Gouden halve eeuw’ van de Friese cultuur: in die halve eeuw settelde het Fries, dat begin 1900 nog een volkstaal was, zich stevig als cultuurtaal, en dat ging gepaard met (en hing ook samen met) een opbloei van de Friestalige cultuur.
De taal is in die periode zowel geïnstitutionaliseerd als geïntellectualiseerd en met name aan die intellectualisering hebben de uitgevers van nature een belangrijke bijdrage geleverd. In die halve eeuw verschenen zo’n 3500 Friese titels op een breed gebied, waaronder kinderboeken, prentenboekjes, literatuur, biografieën, studies over ruimtevaart, sportboeken, handboeken op allerlei gebied, reisgidsen en kookboeken.
Het boek gaat dieper in op de manier waarop uitgevers functioneren in een bepaalde ontwikkelingsfase van een minderheidstaal. En niet alleen dat, maar ook hoe ze functioneerden te midden van andere instituties, zoals emancipatiebewegingen, (semi-)overheidsorganen en culturele en wetenschappelijke instellingen. Waar uitgevers in grotere taalgebieden vooral te maken hebben met de markt en in mindere mate met die institutionele achtergrond, is die verhouding in een kleinschalige omgeving geheel anders.
Tegelijk biedt dit boek ook een kijkje in de uitgeverskeuken. Dat gebeurt aan de hand van de opeenvolgende uitgevers Kamminga (ruwweg voor 1945) en Laverman (ruwweg ná 1945). Daarbij staat Kamminga model voor de aanvankelijk vernieuwingsdrang en latere politisering van het interbellum en Laverman voor de consolidatie van de naoorlogse periode. Ook de andere Friese uitgevers komen overigens uitgebreid aan bod.
Louw Dijkstra (1958) studeerde theologie, maar koos na zijn afstuderen voor een loopbaan in het boekenvak. Na een aantal jaren als vertaler voor verschillende Nederlandse uitgevers te hebben gewerkt, richtte hij in 1994 samen met een compagnon een eigen Friese uitgeverij op. Op dit moment is hij uitgever van Wijdemeer.
-
Stemmen van de bevrijding
€ 29,90‘Ik zou eigenlijk Aaltje heten,’ vertelt Victoria Liberta Schuur. Maar ze werd uiteindelijk niet naar haar grootmoeder genoemd, maar naar een Canadese tank waarop de woorden ‘Victory’ en ‘Liberty’ waren geverfd. Het echtpaar Schuur uit Wagenborgen zocht tijdens de bevrijding van hun dorp een veilig heenkomen in de schuilkelder van psychiatrisch centrum Groot Bronswijk tezamen met bijna duizend patiënten. Terwijl de kogels en granaten door de straten vlogen, kwam in de schuilkelder nieuw leven ter wereld.
Het verhaal van Ria Schuur is een van de vele en bijzondere verhalen in Stemmen van de Bevrijding, over 75 jaar vrijheid in stad en provincie Groningen. Dagblad van het Noordenjournalist en auteur Frank von Hebel schrijft onder meer over de dagenlange strijd om de stad Groningen, de evacuatie van Appingedam, plunderende Canadezen en de uitputtende vrouwenmars van 116 verzetsstrijders van Westerbork naar Visvliet. Hij stuitte bij zijn zoektocht op een verbijsterend dagboek over de lange zwerftocht van tientallen gezinnen in de regio Delfzijl die voor de gevechten vluchtten en hij sprak met een van de nabestaanden van de slachtoffers die na de bevrijding bij een munitie-ontploffing in Spijk om het leven kwamen.
‘Stemmen van de bevrijding’ is een samensmelting van interviews, dagboekfragmenten, ingezonden verhalen, uniek archiefmateriaal, artikelen en boeken.
Frank von Hebel is journalist bij Dagblad van het Noorden. Eerder schreef hij ‘Mesdag, het leven in een tbs-kliniek’, ‘Mijn Bevrijding’, ‘De slag om de stad Groningen’ en de thriller ‘Graf van klei’. -
Voorjaarstradities in Drenthe
€ 29,95Het zonlicht glijdt over een kaal landschap. De dagen worden langzaam langer, de zon warmer en de natuur weer groen: de winter maakt plaats voor de lente. Een periode die sinds oudsher wordt geassocieerd met vruchtbaarheid, wedergeboorte en een nieuw begin. Een periode die rijk is aan gebruiken en tradities om dit te vieren.
Drenthe heeft een groot aantal tradities voor het toejuichen en verwelkomen van de lente. Sommige daarvan kennen we nu nog, zoals het Paasvuur, anderen zijn in vergetelheid geraakt; wie weet tegenwoordig bijvoorbeeld nog wat een Pinksterbroed is of kan nog een hupholt fluitje maken?
In Voorjaarstradities in Drenthe maak je kennis met oude en nieuwe gebruiken in de periode van Sint-Pieter (22 februari) tot en met Pinksteren. Het boek geeft een gevarieerd beeld van hoe men vroeger en nu het voorjaar beleeft, op een informatieve en toegankelijke manier, rijk aangevuld met beeldmateriaal. Het laat zien hoe tradities zijn veranderd, verdwenen en nieuwe zijn ontstaan.
Ook is er ruim aandacht voor de Drentse taal. Er wordt ingezoomd op Drentse woorden die specifiek zijn voor deze periode en de informatieve onderwerpen worden afgewisseld met Drentstalige gedichten en verhalen. Ook geschikt voor lezers die de Drentse taal niet bijzonder machtig zijn.





