De staalwoestijn

Verandering van een landschap, van Hoogovens tot Tata: een geschiedenis
Saskia Sluiter

 24,90

Ooit een van de mooiste landschappen van Nederland, met uitgestrekte bossen en vruchtbare landerijen. Dichters noemden het ‘Hollands Arcadië’. Tegenwoordig is het een van onze meest vervuilende en vervuilde industriegebieden. De omslag begon met het graven van het Noordzeekanaal. Het gebied werd interessant voor de zware industrie. Hoogovens, het huidige Tata, nestelde zich kort na de Eerste Wereldoorlog in het dan nog ongerepte duingebied, waarna het landschap langzaam maar zeker veranderde in een staalwoestijn.

De Staalwoestijn zoomt in op het veranderende landschap en de invloeden daarvan op de bewoners. Het eerste deel beschrijft het arcadische leven tot de komst van Hoogovens. Vervolgens lezen we over de jaren van Hoogovens tot de oliecrisis in 1973. Het slotdeel beschrijft de recente geschiedenis en blikt vooruit. Hoe moet het verder met het gebied en met de vervuilende Tata-fabriek?

Saskia Sluiter schrijft artikelen en boeken die plaatselijke- en internationale geschiedenis met elkaar verbinden. Ze is gastblogger op de Mainzer Beobachter en schrijft regelmatig artikelen in Kennemer Verleden Bulletin. Ze publiceerde eerder het boek Kibboets Beverwijk. Palestina-pioniers in Velsen-Noord en Beverwijk. Naast auteur is ze beeldend kunstenaar. Ze werkte eerder als docent ruimtelijke vormgeving aan Kunstacademie Haarlem.

Verschijningsvorm:
Paperback
Taal:
Nederlands
Uitgeverij:
Uitgeverij Noordboek
Aantal pagina's:
328
Druk:
1
ISBN:
9789464710632
Gewicht:
508 gram
Afmeting:
230x151x29 mm
Uitgiftedatum:
10-10-2023

Gerelateerde boeken

  • Pop!

    Pop!

    40 jaar tussen idolen en halve zolen
    Jan Vollaard
     19,90
  • Zul oes Sunterklaos wel kommen

    Sinterklaasviering in Drenthe door de eeuwen heen
    Abel Darwinkel
     20,00

    Zul oes Sunterklaos wel kommen

    De eerste decennia van de twintigste eeuw bestonden er nog grote regionale en sociale verschillen in de viering van het Sinterklaasfeest. Pakjesavond was een stedelijk verschijnsel dat op het platteland nauwelijks voorkwam. In dorpen werd wel een schoen of klomp gezet met iets voor het paard, maar alleen in burgerlijke kringen was het pakjesavond en verscheen de Sint ook zelf. Scholen gebruikten Sinterklaas als steun bij de opvoeding en ontleenden er prestige aan.

    Daarnaast bood de nieuwe viering een alternatief tegen de wilde vormen van sinterklaasvieren die nog op het platteland bestonden: het Klaasjagen, Zwarte Klazen of Sunterklaoslopen. Lawaai makende jongelui trokken potsierlijk verkleed, met onherkenbaar gemaakte zwarte gezichten en uitgerust met kettingen langs de huizen. Ze vroegen naar stoute kinderen, maakten kinderen bang, strooiden pepernoten en vroegen om geld of lekkers. Eind negentiende, begin twintigste eeuw groeide het verzet tegen dit wilde gedoe dat gezien wordt als een vorm van bedelarij. Daartegenover stelde men de nieuwe beschaafde Sinterklaas. Dit proces van verburgerlijking heeft de uniformering van het feest in Nederland tot gevolg gehad.

    In dit boek wordt de Drentse Sinterklaastraditie van de afgelopen eeuwen beschreven. Aan het boek werken schrijvers mee die al dan niet in het Drents over Sinterklaas in Drenthe vertellen.

    “Een feest als Sinterklaas dat door zovelen wordt gevierd kun je moeilijk beschermen, want het is een cultureel proces dat voortdurend in beweging is. Sinterklaas zal blijven veranderen.” Henk Nijkeuter

    “Kalenderfeesten en tradities veranderen door de jaren heen. Als iets duidelijk wordt uit dit boek is het wel dat dat in hoge mate geldt voor het Sinterklaasfeest.” Abel Darwinkel

     20,00
  • Verhandeling over de aanleg van vrouwen voor de wetenschap

    De begaafde Anna Maria van Schurman kreeg als eerste vrouw in Nederland toestemming om colleges te volgen. De Universiteit van Utrecht bouwde voor de gelegenheid een hokje met een gordijntje voor haar. Van Schurman kon van daaruit de colleges van theoloog Voetius bijwonen, zonder daarbij de mannelijke studenten af te leiden.
    In dit korte essay uit 1641 legt Van Schurman uit waarom het logisch is om meer vrouwen toegang tot de
    universiteit te verlenen. Het argumentatieve geschrift inspireerde Margaret Cavendish en Mary Wollstonecraft en gaf de aanzet tot de eerste feministische beweging. Het zeer invloedrijke essay verschijnt in een geactualiseerde vertaling van Renée Ter Haar, met een voorwoord van Angela Roothaan. Jacob Bouwman zorgde voor de selectie van relevante brieven.

    “Wat een genot om zo’n erudiet pleidooi te lezen van een moedige vrouw. In zijn opdracht noemt tijdgenoot Johan van Beverwijck haar ‘onsterfelijk sieraad onder de vrouwen’. Met recht.” – Trouw

     17,90