De staalwoestijn
€ 24,90
Ooit een van de mooiste landschappen van Nederland, met uitgestrekte bossen en vruchtbare landerijen. Dichters noemden het ‘Hollands Arcadië’. Tegenwoordig is het een van onze meest vervuilende en vervuilde industriegebieden. De omslag begon met het graven van het Noordzeekanaal. Het gebied werd interessant voor de zware industrie. Hoogovens, het huidige Tata, nestelde zich kort na de Eerste Wereldoorlog in het dan nog ongerepte duingebied, waarna het landschap langzaam maar zeker veranderde in een staalwoestijn.
De Staalwoestijn zoomt in op het veranderende landschap en de invloeden daarvan op de bewoners. Het eerste deel beschrijft het arcadische leven tot de komst van Hoogovens. Vervolgens lezen we over de jaren van Hoogovens tot de oliecrisis in 1973. Het slotdeel beschrijft de recente geschiedenis en blikt vooruit. Hoe moet het verder met het gebied en met de vervuilende Tata-fabriek?
Saskia Sluiter schrijft artikelen en boeken die plaatselijke- en internationale geschiedenis met elkaar verbinden. Ze is gastblogger op de Mainzer Beobachter en schrijft regelmatig artikelen in Kennemer Verleden Bulletin. Ze publiceerde eerder het boek Kibboets Beverwijk. Palestina-pioniers in Velsen-Noord en Beverwijk. Naast auteur is ze beeldend kunstenaar. Ze werkte eerder als docent ruimtelijke vormgeving aan Kunstacademie Haarlem.
Gerelateerde boeken
-
Standhouden
Adellijk landgoedbeheer in Nederland - de twintigste eeuwse geschiedenis van Leuvenum en De Bannink€ 49,90Standhouden
€ 49,90De Nederlandse adel gold lang als heersende klasse van grondbezitters. Op het platteland bezaten adellijke families generaties lang omvangrijke landgoederen. Sociale, economische, ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen brachten in de twintigste eeuw grote veranderingen in deze oude bezits- en machtsstructuur. Op grote schaal werden landgoederen verkocht, afgebroken, of ze veranderden van eigendomsvorm.
De belangrijkste thema’s van Standhouden zijn de ontwikkelingen die plaatsvonden in de relatie van de landheer tot zijn bezit, in de exploitatie, de sociale verhoudingen tussen werknemers, bewoners en pachters, en de culturele betekenis van het landgoedbezit.
Centraal staat de adellijke familie Sandberg, die tot het einde van de twintigste eeuw de landgoederen Leuvenum (Gelderland) en De Bannink (Overijssel) bezat. Aan de hand van uniek archiefmateriaal wordt een persoonlijk beeld geschetst van leven, wonen en werken op een landgoed in de twintigste eeuw. Het leven van de familie Sandberg en het beheer van Leuvenum en De Bannink veranderde drastisch toen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, als gevolg van het overlijden van de eigenaar en zijn zoon (en beoogd opvolger), zijn weduwe en hun drie dochters het beheer van de landgoederen overnamen. Gedurende de tweede helft van de twintigste eeuw spanden deze vrouwen zich in om beide landgoederen en de agrarische gemeenschappen te behouden.Naast deze bijzondere familie- en landgoedgeschiedenis schetst dit boek een gedetailleerd beeld van het groeiende overheidsingrijpen en van de veranderende houding ten opzichte van landschaps- en erfgoedzorg en landgoedbeheer in deze periode.
Willemieke Ottens is architectuur- en landschapshistoricus gespecialiseerd in het groene erfgoed. Zij is werkzaam bij een bureau voor landschap en zal binnenkort op dit onderwerp promoveren.
-
Kleur Veenhuizen
€ 29,95KLEUR VEENHUIZEN is het handboek bij de kleurenwaaier voor Veenhuizen. Het is gemaakt voor bewoners, eigenaren en beleidsmakers, maar ook voor wie nieuwsgierig is naar de ontstaansgeschiedenis van de gebouwen en het landschap.
De ‘pauperkolonie’ Veenhuizen werd in 1822 gebouwd om bedelaars, landlopers en arme gezinnen uit de grote steden een beter bestaan te geven op het platteland. Gaandeweg ontwikkelde Veenhuizen zich tot een strafkolonie. De transformatie tot gevangenisdorp bracht een enorme bouwproductie op gang. Aan het begin van de 20e eeuw was Veenhuizen een zelfvoorzienend gevangenisdorp geworden met scholen, kerken, een hospitaal, werkgebouwen, boerderijen en dienstwoningen waarin het leven tussen gevangenen en bewoners sterk met elkaar vervlochten was. Tot 1983 was Veenhuizen gesloten voor publiek. Hier woonde alleen wie er ook werkte. Met uitzondering van de kerken was heel Veenhuizen in bezit van het Rijk en werd door het Rijk collectief beheerd en onderhouden.
Veenhuizen is ondertussen veranderd van een Justitiedorp in een woonlandschap met daarin nog steeds een aantal in gebruik zijnde gevangenissen. De overgang van één grote eigenaar naar vele eigenaren betekent de overgang van collectief naar individueel uitgevoerd onderhoud en beheer. Vooral bij de woonhuizen worden de gevolgen hiervan zichtbaar. Ramen worden vervangen, luiken verdwijnen en het schilderwerk van de onderdelen krijgt andere kleuren. Daardoor vervagen de zo karakteristieke reeksen en families van gebouwen.
Het handboek en de kleurenwaaier richten zich op de modelwoningen en -boerderijen uit de periode tussen 1884 en 1930 en op de structurerende en terugkerende onderdelen van de bebouwing en het landschap. Daar zijn een aantal praktische redenen voor. De grondtoon van Veenhuizen ligt verankerd in de herhaalbare gebouwtypes en de algemene dragers van het landschap. Het zijn met name deze woningen en boerderijen die particulier beheerd en onderhouden gaan worden en die belang hebben bij toegankelijke en hanteerbare kennis. Het handboek vult de kleurenwaaier aan met kennis van de gebouwen, hoe ze zijn gebouwd, met welke bouwmaterialen, details en kleuren. En het laat de landschappelijke onderdelen zien die het karakteristieke beeld bepalen, in de straat en op het erf.
-
-
Amerikaanse boerderijen in Fryslân
€ 22,90De meeste mensen denken bij Friese boerderijen aan de drie traditionele modellen: de kop-hals-romp-, de kop-romp- en de stelpboerderijen. Veel minder bekend zijn de nieuwe types boerderijen, zoals de Amerikaanse modellen, die in de eerste helft van de twintigste eeuw voor het eerst in Fryslân verschijnen.
De introductie van het Amerikaanse boerderijmodel past goed bij het vooruitstrevende karakter van boeren en landeigenaren die op zoek waren naar modernisering van hun agrarische bedrijven. Door de import van Amerikaanse bouwtechnieken en dito materialen via de Amerikaanse producent Louden worden de Amerikaanse modellen een groot succes. In Amerikaanse boerderijen in Fryslân worden deze opmerkelijke boerderijen voor het eerst in boekvorm onder de aandacht gebracht.
Hans de Haan en Jacob H.P. van der Vaart zijn verbonden aan de Boerderijenstichting Fryslân en deden samen de afgelopen vijf jaar onderzoek naar de modernisering van de landbouw in Fryslân in de eerste helft van de twintigste eeuw.





