Exoot

De begripsgeschiedenis van invasie-ecologie, van Linnaeus tot Darwin
Norbert Peeters

 39,90

Het herkennen van een exoot berust op het besef dat er een onderscheid bestaat tussen eigen en vreemd, inheems en uitheems. Dit boek onderzoekt hoe dit besef is ontstaan, specifiek ten aanzien van planten. In de eerste eeuwen van het natuurhistorisch onderzoek werd nauwelijks aandacht besteed aan de herkomst van wilde flora. Dit veranderde drastisch in de achttiende eeuw. Aan de hand van drie sleutelmomenten in de voorgeschiedenis van de invasie-ecologie vertelt botanisch filosoof Norbert Peeters een filosofisch historisch verhaal van de exoot.

Peeters neemt de lezer mee langs beroemde natuurgeleerden als Carolus Linnaeus en Charles Darwin, die het denken over exoten ingrijpend hebben beïnvloed. Ook worden verwilderde exoten in de negentiende eeuw voor het eerst bestempeld als onkruid. Maar wel een bijzonder soort onkruid, evenals alle andere ongewenste planten op de verkeerde plaats. Voor het eerst krijgt de natuur een eigen onkruidklasse: de invasieve exoot. Met de mens als wiedende rentmeester. Gezamenlijk tonen deze momenten de ontwikkeling van het plaatsbegrip binnen de plantengeografie en de vormende werking op de latere invasie-ecologie.

Norbert Peeters studeerde archeologie en filosofie aan de Universiteit Leiden. Hij specialiseerde zich onder leiding van Th.C.W. Oudemans tot botanisch filosoof. Hij publiceerde meerdere boeken en artikelen over dit onderwerp. Momenteel is hij als docent verbonden aan Wageningen University & Research.

Verschijningsvorm:
Paperback
Taal:
Nederlands
Uitgeverij:
Uitgeverij Noordboek
Aantal pagina's:
520
Druk:
1
ISBN:
9789464713671
Gewicht:
912 gram
Afmeting:
248x179x39 mm
Uitgiftedatum:
20-01-2026

Gerelateerde boeken

  • 50 knopen die je moet kennen

    50 knopen die je moet kennen

    Leer knopen leggen voor zeilsport, klimmen, kamperen en veel meer
    Marty Allen
     15,00
  • Drenthe Waterland

    Drenthe Waterland

    Karin Broekhuijsen
     30,00

    Drenthe Waterland

    Voordat de mens in Drenthe kwam wonen, was er bijna alleen maar veen. Stond je aan de zuidrand, dan lag er voor je een onafzienbaar moerasgebied. Het was een immense, ontoegankelijke zone van zompige velden en grote waterpartijen. Ondenkbaar om hier doorheen te komen. Bescheiden berkenboompjes staken her en der uit het water omhoog en een aanzienlijk deel van de opslag werd al snel verstikt door het zuurstofarme veen. Deze omgevallen berkenboompjes toonden zich als witte stillevens op het moeras. Ondertussen wemelde het van de insecten, steekmuggen en andere zoemende wezens. Veenpluis en veenmos heersten hier, voor de mens was duidelijk geen plek. Wie in latere tijden met paard en wagen of te voet van het zuiden van Drenthe richting Groningen wilde, had tot ver in de huidige jaartelling een probleem. Er bestond maar één goede route: over de Hondsrug. Die verhoging in het landschap, eigenlijk bestaande uit meerdere stuwwallen, was dé manier om deze regio te doorkruisen en het levensgevaarlijke veenmoeras te omzeilen. Drenthe; dat bestond eigenlijk uit één grote ontoegankelijke waterbak. Deze regio was een spons van duizenden jaren verzameld water.

    In ‘Drenthe Waterland’ laat fotografe Karin Broekhuijsen samen met schrijvers Reinout van den Born en Grieta Spannenburg zien dat ook in de huidige tijd het water een grote rol speelt in het Drentse landschap. Van het Leekstermeer tot de vele diepjes, de kanalen, zandpoelen en het veen. Water is een groot onderdeel van Drenthe, al wordt het daar niet vaak mee geassocieerd.

    De prachtige foto’s van Karin worden ondersteund door de teksten van Reinout en Grieta waardoor ‘Drenthe Waterland’ meer is dan een fotoboek. Het laat de geschiedenis, heden en toekomst zien van het Drentse water.

     30,00
  • Vloeiend landschap

    Over de toekomst van het Friese landschap
    Peter de Ruyter
     25,00

    Vloeiend landschap

    Geactualiseerde editie met extra hoofdstuk

    In Nederland is er een groeiend onbehagen over de kwaliteit van het landschap. Dit geldt ook voor Friesland, volgens velen de mooiste provincie. De diversiteit en schoonheid van het Friese landschap brokkelt zienderogen af. Anonieme bedrijventerreinen, willekeurig geplaatste windturbines en een verschrompelend veenweidegebied zorgen voor ‘landschapspijn’.

    Kan het tij gekeerd worden? Op een rondreis door de verschillende landschapstypen van Friesland laat Peter de Ruyter zien dat het nog niet te laat is. Door mee te bewegen met toekomstige veranderingen als een stijgende zeespiegel en een krimpende bevolking ontstaan er kansen. Dit boek is een pleidooi voor verbetering en visie.

    Peter de Ruyter is landschapsarchitect. Van 2008 tot 2012 was hij directeur van Atelier Fryslân dat gevraagde en ongevraagde adviezen over het landschap gaf.

     25,00