Expeditie Spitsbergen
€ 22,90
Zijn we te laat? Deze vraag drong zich op aan journalist en schrijver Frank von Hebel tijdens zijn reis naar Spitsbergen. Hij nam deel aan de SEES-expeditie (Scientific Expedition Edgeøya Svalbard) op het expeditieschip Ortelius. Onder leiding van het Arctisch Centrum van de Rijksuniversiteit Groningen onderzochten vijftig wetenschappers de gevolgen van klimaatverandering voor de wereld van gletsjers, toendra’s en ijsberen.
Spitsbergen is het snelst opwarmende gebied ter wereld. Het kwik stijgt er elke tien jaar gemiddeld met een graad Celcius. Von Hebel zag met eigen ogen hoe de beschaving zich meer en meer opdringt aan het ooit ongerepte landschap dat in 1596 werd ontdekt door Willem Barentsz. De gletsjers trekken zich met schrikbarende snelheid terug, de permafrost slinkt zienderogen en jaarlijks haalt men 20.000 kilo afval van de stranden. Zelfs de Wereldzadenbank kwam door smeltwater even blank te staan. Maar ook onze eigen geschiedenis dreigt door de opwarming van de aarde letterlijk en figuurlijk weg te spoelen. Expeditie Spitsbergen neemt de lezer mee in de bijzondere wereld van deze archipel en maakt duidelijk dat klimaatverandering een veelkoppig monster zal zijn.
Gerelateerde boeken
-
Zwaluwen van Gaast
€ 16,90Tweede, geheel herziene, druk, oktober 2017
Theunis Piersma is hoogleraar trekvogelecologie in Groningen en waddenonderzoeker bij het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) op Texel. Hij is een internationale autoriteit op het gebied van (trek)vogels. In zijn vrije tijd doet hij in zijn woonplaats, het Friese Gaast, onderzoek naar huiszwaluwen. Een dorpsgenoot vroeg hem eens: ‘Waar blijven onze zwaluwen in de winter, Theunis?’ Die vraag was aanleiding voor een zoektocht: hoe overleven huiszwaluwen en waar overwinteren ze?
Piersma is een geboren verteller en verstaat de kunst om ingewikkelde, wetenschappelijke materie op een begrijpelijke en onderhoudende manier over te dragen. Een literair verslag van een persoonlijke zoektocht, een ode aan de huiszwaluw. -
De Scharrelaar
€ 17,90De Scharrelaar viert een jubileum en dat laten we niet ongemerkt voorbijgaan! Deze zomer verschijnt de tiende editie van hét literaire tijdschrift voor vogelaars, met daarin een belangwekkende beschouwing over de kunst van het natuurschrijven, geschreven door de internationaal bejubelde Amerikaanse schrijver Jonathan Franzen. NRC-journalist Marcel Haenen schrijft over zijn warme liefde voor pinguïns, redacteur Jean-Pierre Geelen laat zijn licht schijnen op de lepelaars in Artis en Marja Vuijsje ziet een aalscholver die een paling verschalkt. Het is een greep uit de inhoud van De scharrelaar, met nog meer verhalen van de fine fleur van de Nederlandse natuurschrijvers zoals Marijn O’Hanlon, Kester Freriks, Stefan Brijs en de rubrieken van Saskia van Loenen en Alexander Reeuwijk.
-
Knooppunt Waddenzee
€ 17,90Miljoenen wad- en watervogels trekken ieder jaar heen en weer tussen hun broedgebieden in Groenland, Scandinavië, West-Europa of Siberië, en hun wintergronden in Europa en Afrika. Als je alle routes van die trekvogels op de wereldbol tekent, zie je halverwege die kaart een druk knooppunt: de Waddenzee!
In het project Metawad hebben onderzoekers van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee en de Rijksuniversiteit Groningen vijf compleet verschillende trekvogels van de Waddenzee onderzocht: de kanoet, de drieteenstrandloper, de rosse grutto, de rotgans en de lepelaar. Ze bekeken de vogels niet als ‘bewoners’ van die Waddenzee, maar als gebruikers van een veel groter systeem waar het wad een belangrijk onderdeel van is: het ‘metawad’.
Knooppunt Waddenzee biedt een kleurrijk pallet van portretten van de wetenschappers, die ploeterend met palen en hekwerk achterop hun ets over de kwelder trekken, of uren achtereen in weer en wind – of juist bakkend onder de Afrikaanse zon – naar vogels met kleurringen aan hun pootjes staan te zoeken. Het biedt ook portretten van de vijf onderzochte vogelsoorten. Wat weten we van deze dieren? En vooral: hoe kunnen overheden of natuurbeheerders hun voordeel doen met deze wetenschap?





