Fan ‘t iene yn ‘t oare. Doarpsferhalen

Jan Tabak

 12,50

    Dit boek is niet via onze winkelmand te bestellen. U kunt het bestellen door hieronder uw gegevens in te vullen. Wij nemen contact met u op!

    Jan Tabak skriuwt doarpshalen. Ferhalen oer foarhinne, oer moaie en bysûndere minsken. De skriuwer tekenet it Fryske doarpslibben fan ‘e jierren fyftich en sechstich yn ‘e foarige iuw fol humor. De foarfallen binne o sa werkenber. Jan Tabak hat in skerp each foar de minsklike kant, foar it lytse dat soms grut wêze kin. O sa linich skreaun. Ferdivedearjend. Spannend. Ferhalen dy’t ferhalen oproppe: fan it iene komt it oare.

    Jan Tabak (Wânswert, 1949) publisearre earder yn eigen behear Marianne, troch alles hinne en In slach om ‘e buorren…, twa bondels mei fersen.

    Gerelateerde boeken

    • Natuur in het landschap van Westerwolde

      Natuur in het landschap van Westerwolde

      Aart Jan Langbroek, Annelies Brekveld, Bauke Roelevink, Saskia Uittien
       17,90

      Natuur in het landschap van Westerwolde

      Een wold doemt op, de doorkijkjes naar de bloemrijke weiden tussen de verspreid staande boomwallen en bossen langs het riviertje de Ruiten Aa intrigeren. Op de flanken van zijn rivierdal kleuren heidevelden groen, bruin en paars en schittert het water in de vennetjes. Op de hoger gelegen essen liggen de akkers en staan ook boomwallen en bos met daartussen de zilveren linten van beken die afstromen naar de rivier. Het is een fraai langgerekt doch ook smal gebied dat ingeklemd ligt tussen de grootschalige akker- en weidegebieden.

      Niet eerder is er zo uitvoerig over de fauna en flora van Westerwolde geschreven als in dit boek Natuur in het landschap van Westerwolde.

      Door de verschillende grondsoorten heeft Westerwolde een sterk gevarieerde agrarische geschiedenis, die tot op heden bepalend is voor het landelijk gebied. Ook de waterstaatkundige geschiedenis van Westerwolde heeft een eigen gezicht. Daarnaast is de streek rijk aan allerlei soorten natuur: in de beekdalen van de Ruiten Aa, de Mussel Aa en de Westerwoldse Aa, in de bossen en heidevelden, maar ook in het boerenlandschap met zijn talrijke houtwallen, singels, akkerflora en bosjes. Juist de in eeuwen gegroeide intensieve verbinding tussen natuur en cultuur maken de flora en fauna in dit gebied zo belangrijk en veelzijdig.
      Dit boek is geen veldgids om planten en dieren op naam te kunnen brengen. Het is wel een boek waarin soorten en soortgroepen worden genoemd die je in Westerwolde kunt aantreffen en waarin is verwoord welke kansen of bedreigingen er voor de natuur zijn. Veel is ten goede gekeerd door herstelprojecten, maar er moet toch nog veel gebeuren om de natuur in Westerwolde te verbeteren. Ook daarover gaat dit boek.

      Natuur in het landschap van Westerwolde is rijk geïllustreerd. Het is bedoeld voor natuurliefhebbers, inwoners en bezoekers van Westerwolde, en biedt een fraai beeld van de natuurrijkdom in dit gebied. Het wil daarnaast ook dienen als inspiratiebron om zelf de natuur in te gaan, om waar te nemen wat er leeft en groeit, en om dat eventueel vast te leggen en met anderen te delen.

       17,90
    • Onderweg naar 1832

      Onderweg naar 1832

      Een groepsbiografie uit de Groningse school
      Mineke van Essen
       22,50

      Onderweg naar 1832

      Onderweg naar 1832 vertelt het verhaal van zes jonge mensen uit eenvoudige milieus, met ieder een bijzondere geschiedenis. Twee vrouwen en vier mannen, van wie één met Joodse migrantenwortels. Het speelt tegen de achtergrond van de schoolwereld uit de vroege negentiende eeuw en loopt vanaf hun kindertijd tot 1832. In dat jaar waren ze als dertigers aanwezig op een legendarisch jubileumfeest ter ere van hun onderwijsinspecteur. Ze hadden toen, gegeven hun afkomst en sekse, binnen het onderwijs opvallend carrière gemaakt. Op basis van historische bronnen laat het boek zien hoe dit kwam en wat ze onderweg naar 1832 meemaakten.

      Samen geven de zes biografische verhalen een beeld van vroege ontwikkelingen binnen het lerarenberoep. Onderwijsvernieuwing was in deze periode het sleutelwoord. Geleidelijk nam daardoor de vakbekwaamheid toe, verbeterden de arbeidsomstandigheden en steeg het sociale aanzien van de beroepsgroep – maar alleen voor de mannen. Het boek maakt ook de onontkoombare man-vrouw verschillen van deze periode zichtbaar.

      De jonge levens van de zes speelden zich grotendeels af in de stad Groningen, toen een belangrijk centrum van onderwijsvernieuwing. Ze stonden in de voorhoede van de nieuwe Nederlandse school. Het boek vertelt de nauw met elkaar verweven verhalen over deze bijzondere pioniers: een idealistische dovenonderwijzer, de ontwerper van de pabo, Nederlands eerste kleuterpedagoge, een talenvirtuoos die botste op de grenzen van de tolerantie, een heel vroege carrièrevrouw, en de wegbereider van de Algemene Onderwijsbond (AOb). Ingekleurde momentopnamen van opvallende gebeurtenissen in hun bestaan – een dramatische vergadering, een liefde, een stedentripje naar Amsterdam, een onvergetelijke les – brengen de personen tot leven. Een bijzondere combinatie van feiten en fictie.

      Mineke van Essen is historisch pedagoog en emeritus hoogleraar van de Rijksuniversiteit Groningen.

       22,50
    • Kloostermoppen

      Kloostermoppen

      Middeleeuws bouwmateriaal in stad en provincie Groningen
      Edward Houting, Hans Vrijer
       35,00

      Kloostermoppen

      In de twaalfde en vooral de dertiende eeuw vestigden zich onder meer de kloosterorden van de cisterciënzers en de premonstratenzers in Noord-Nederland. Naar voorbeeld van de moederkloosters introduceerden de kloosterlingen grote bakstenen, kloostermoppen genoemd, waarmee ze vanaf het midden van de twaalfde eeuw tot in de zestiende eeuw kerken en kloosters bouwden. In dezelfde periode gebruikten ook vermogende particulieren de grote bakstenen voor de bouw van hun steenhuizen. Vanaf midden dertiende eeuw begonnen de steden zich te ontwikkelen, waarbij de bakstenen werden gebruikt voor stadsmuren en particuliere huizen. Baksteen bood de bouwheren goede mogelijkheden en was duurzamer dan de natuursteen die tot het einde van de twaalfde eeuw werd toegepast als bouwmateriaal. Klei was voor de productie en turf voor het bakken van stenen in ruime mate voorhanden in de provincie Groningen.

      In Kloostermoppen, middeleeuws bouwmateriaal in stad en provincie Groningen beschrijven Edward Houting en Hans Vrijer circa 200 middeleeuwse kerken, kloosters, steenhuizen en stadsmuren. Hiermee wordt voor het eerst een uitgebreid overzicht in boekvorm gegeven van het ontstaan en de toepassing van kloostermoppen in Groningen. De uitgave is ruim geïllustreerd met foto’s, bouwtekeningen van middeleeuwse kerken en kerktorens, kaarten en oude prenten. Bovendien voert een wandeling in de binnenstad van Groningen langs zichtbare overblijfselen van middeleeuwse gebouwen.

       35,00