Humor in Grunnegerlaand
€ 14,90
Een heruitgave ter gelegenheid van de 150e geboortedag van Kornelis ter Laan – 8 juli 2021
Kornelis ter Laan werd in Slochteren geboren op 8 juli 1871. Hij ontwikkelde zich tot onderwijzer, schoolhoofd, politicus en burgemeester, folklorist, taalkundige en publicist. In Groningen werd hij vooral bekend vanwege zijn Nieuw Groninger Woordenboek en als nestor van het Gronings-eigene. In 1947 verscheen de eerste druk van Humor in Grunnegerlaand. Hierin verklaart de auteur uitdrukkingen en grapjes en rijgt hij de verschillende onderwerpen op de voor hem zo kenmerkende manier aaneen; gemoedelijk en met een warm hart voor zijn ‘laive laandlu’. Johan Dijkstra, bekend van kunstkring De Ploeg, leverde de ‘schilderkes’. Ter Laan sluit dit vrolijke boek serieus af met de volgens hem broodnodige ‘regels voor de eenheid van spelling van alle Groninger dialecten’.
Ter Laans werk is van blijvende waarde voor Groningen en de Groningers. Zijn jongste kleindochter nam daarom het initiatief tot deze heruitgave: dit unieke werkje vol humoristische verhalen en anekdotes met de originele tekeningen van Johan Dijkstra zorgt voor ‘Grunnegs plezaaier in vrouger doagen’.
Gerelateerde boeken
-
Stemmen van de bevrijding
€ 29,90‘Ik zou eigenlijk Aaltje heten,’ vertelt Victoria Liberta Schuur. Maar ze werd uiteindelijk niet naar haar grootmoeder genoemd, maar naar een Canadese tank waarop de woorden ‘Victory’ en ‘Liberty’ waren geverfd. Het echtpaar Schuur uit Wagenborgen zocht tijdens de bevrijding van hun dorp een veilig heenkomen in de schuilkelder van psychiatrisch centrum Groot Bronswijk tezamen met bijna duizend patiënten. Terwijl de kogels en granaten door de straten vlogen, kwam in de schuilkelder nieuw leven ter wereld.
Het verhaal van Ria Schuur is een van de vele en bijzondere verhalen in Stemmen van de Bevrijding, over 75 jaar vrijheid in stad en provincie Groningen. Dagblad van het Noordenjournalist en auteur Frank von Hebel schrijft onder meer over de dagenlange strijd om de stad Groningen, de evacuatie van Appingedam, plunderende Canadezen en de uitputtende vrouwenmars van 116 verzetsstrijders van Westerbork naar Visvliet. Hij stuitte bij zijn zoektocht op een verbijsterend dagboek over de lange zwerftocht van tientallen gezinnen in de regio Delfzijl die voor de gevechten vluchtten en hij sprak met een van de nabestaanden van de slachtoffers die na de bevrijding bij een munitie-ontploffing in Spijk om het leven kwamen.
‘Stemmen van de bevrijding’ is een samensmelting van interviews, dagboekfragmenten, ingezonden verhalen, uniek archiefmateriaal, artikelen en boeken.
Frank von Hebel is journalist bij Dagblad van het Noorden. Eerder schreef hij ‘Mesdag, het leven in een tbs-kliniek’, ‘Mijn Bevrijding’, ‘De slag om de stad Groningen’ en de thriller ‘Graf van klei’. -
En toch zal ik
€ 14,90Marten Douwes Teenstra maakte in zijn tijd naam in de koloniën en als schrijver. Door zijn reizen, eerst in ‘de Oost’, later in ‘de West’ werd hij één van de eerste voorstanders van afschaffing slavernij (abolitionist). Nog vóór Max Havelaar (1860) en De hut van oom Tom (1852) verschenen, veroordeelde Marten al de barbaarse behandeling van de slaafgemaakten in Zuid Afrika, Java en Suriname. Het werd hem niet in dank afgenomen en leverde hem een ‘functie elders’ op.
Met zijn felle woordkeuze maakte Marten zich bij veel mensen niet geliefd. Naast zijn voortdurende strijd tegen de slavernij bleef hij tot zijn dood aantrappen tegen schijnheiligheid en hypocrisie, tegen ‘Cocksianen’, ambtenaren en bijgelovigheid.
Marten was lid van de Nederlandsche Maatschappij ter Bevordering van de Afschaffing der Slavernij,
en na zijn terugkeer in Groningen bestookte hij de regering in Den Haag onvermoeibaar met verzoekschriften om een einde te maken aan de slavernij in de Nederlandse koloniën. Mede door zijn inbreng kwam na 1854 de discussie over de slavernij op gang, waarna vlak voor zijn dood op 1 juli 1863 de slavernij werd afgeschaft.Toch is zijn naam voor veel mensen nu onbekend. Door dit boek krijgt de naam Teenstra weer de bekendheid die het verdient.
-
Kloostermoppen
€ 35,00In de twaalfde en vooral de dertiende eeuw vestigden zich onder meer de kloosterorden van de cisterciënzers en de premonstratenzers in Noord-Nederland. Naar voorbeeld van de moederkloosters introduceerden de kloosterlingen grote bakstenen, kloostermoppen genoemd, waarmee ze vanaf het midden van de twaalfde eeuw tot in de zestiende eeuw kerken en kloosters bouwden. In dezelfde periode gebruikten ook vermogende particulieren de grote bakstenen voor de bouw van hun steenhuizen. Vanaf midden dertiende eeuw begonnen de steden zich te ontwikkelen, waarbij de bakstenen werden gebruikt voor stadsmuren en particuliere huizen. Baksteen bood de bouwheren goede mogelijkheden en was duurzamer dan de natuursteen die tot het einde van de twaalfde eeuw werd toegepast als bouwmateriaal. Klei was voor de productie en turf voor het bakken van stenen in ruime mate voorhanden in de provincie Groningen.
In Kloostermoppen, middeleeuws bouwmateriaal in stad en provincie Groningen beschrijven Edward Houting en Hans Vrijer circa 200 middeleeuwse kerken, kloosters, steenhuizen en stadsmuren. Hiermee wordt voor het eerst een uitgebreid overzicht in boekvorm gegeven van het ontstaan en de toepassing van kloostermoppen in Groningen. De uitgave is ruim geïllustreerd met foto’s, bouwtekeningen van middeleeuwse kerken en kerktorens, kaarten en oude prenten. Bovendien voert een wandeling in de binnenstad van Groningen langs zichtbare overblijfselen van middeleeuwse gebouwen.
-
Terpen- en Wierdenland
€ 25,00De geschiedenis van het Noord-Nederlandse kustgebied – het land van de terpen en wierden – kent maar twee echte hoofdrolspelers: de mens en het water. De rode draad van dit boek is de interactie tussen die twee, vanaf 2500 jaar geleden toen de eerste bewoners op deze plek aankwamen tot nu, met een vooruitblik op de terp van de toekomst. Hoe hebben de bewoners van het kleigebied al die tijd geprofiteerd van, gewerkt met, en soms geleden onder het water?
Erik Betten (historicus, journalist, schrijver) beschrijft in Terpen- en Wierdenland de dynamische ontwikkeling van tweeduizend jaar terpenland, steeds met het huidige landschap als gids. Aan de orde komen onder andere de vorming van het kustlandschap na de laatste ijstijd, de bloei van de Noordzeecultuur, en de bebouwing en het dagelijks leven op de terpen. r





