Kort bericht over Nieuw Nederland
€ 22,90
Franciscus van den Enden, Spinoza’s leraar Latijn en geestverwant, was een van de radicaalste denkers van de vroege Verlichting. Hij had zich nooit zo met politiek beziggehouden, totdat hij in 1661 door een groep mensen werd benaderd die een vrije coöperatie in de kolonie Nieuw Nederland wilde stichten. Van den Enden schreef namens hen verzoekschriften aan het stadsbestuur; tevergeefs, want daar vond men het plan te eigenzinnig en te duur.
Van den Enden publiceerde zijn verzoekschriften met een wervende inleiding en een politiek nawoord. Daarmee vormt het Kort bericht de basis voor de revolutionaire ideeën die hij in zijn Vrije staatkundige stellingen uitwerkte en die uiteindelijk tot zijn executie in Parijs zouden leiden.
In dezelfde tijd kreeg de al even radicale Pieter Plockhoy wél toestemming om met een groep gelijkgestemden scheep te gaan naar de Amsterdamse kolonie aan de Zuidrivier (nu de Delaware). Ook Plockhoy publiceerde zijn plan.
Beide teksten verschijnen nu voor het eerst in modern Nederlands, met een inleiding en verklarende noten van vertaler Roek Vermeulen
Gerelateerde boeken
-
Werelderfgoedgids Veenhuizen
Werelderfgoed Koloniën van Weldadigheid à Koloniën van Weldadigheid€ 17,90Werelderfgoedgids Veenhuizen
€ 17,90Zin om te wandelen of fietsen in het UNESCO Werelderfgoed Koloniën van Weldadigheid in Nederland? Deze gids is je wegwijzer mét achtergrondinformatie. De gids is geschikt voor wie zich van tevoren wil oriënteren, maar ook voor wie tijdens een verblijf in de Koloniën van Weldadigheid een leidraad zoekt en meer wil weten over de achtergrond van het gebied. De wandeling voert door het Werelderfgoed, de fietsroute beslaat een iets ruimer gebied.
De Koloniën van Weldadigheid zijn sinds 27 juli 2021 ingeschreven als UNESCO Werelderfgoed. Zo erkent UNESCO de cultuurlandschappen van Frederiksoord-Wilhelminaoord en Veenhuizen in Nederland, en Wortel-Kolonie in Vlaanderen, als van uitzonderlijke en universele betekenis voor de hele mensheid.
-
Kloostermoppen
€ 35,00In de twaalfde en vooral de dertiende eeuw vestigden zich onder meer de kloosterorden van de cisterciënzers en de premonstratenzers in Noord-Nederland. Naar voorbeeld van de moederkloosters introduceerden de kloosterlingen grote bakstenen, kloostermoppen genoemd, waarmee ze vanaf het midden van de twaalfde eeuw tot in de zestiende eeuw kerken en kloosters bouwden. In dezelfde periode gebruikten ook vermogende particulieren de grote bakstenen voor de bouw van hun steenhuizen. Vanaf midden dertiende eeuw begonnen de steden zich te ontwikkelen, waarbij de bakstenen werden gebruikt voor stadsmuren en particuliere huizen. Baksteen bood de bouwheren goede mogelijkheden en was duurzamer dan de natuursteen die tot het einde van de twaalfde eeuw werd toegepast als bouwmateriaal. Klei was voor de productie en turf voor het bakken van stenen in ruime mate voorhanden in de provincie Groningen.
In Kloostermoppen, middeleeuws bouwmateriaal in stad en provincie Groningen beschrijven Edward Houting en Hans Vrijer circa 200 middeleeuwse kerken, kloosters, steenhuizen en stadsmuren. Hiermee wordt voor het eerst een uitgebreid overzicht in boekvorm gegeven van het ontstaan en de toepassing van kloostermoppen in Groningen. De uitgave is ruim geïllustreerd met foto’s, bouwtekeningen van middeleeuwse kerken en kerktorens, kaarten en oude prenten. Bovendien voert een wandeling in de binnenstad van Groningen langs zichtbare overblijfselen van middeleeuwse gebouwen.
-
-





