Kort bericht over Nieuw Nederland
€ 22,90
Franciscus van den Enden, Spinoza’s leraar Latijn en geestverwant, was een van de radicaalste denkers van de vroege Verlichting. Hij had zich nooit zo met politiek beziggehouden, totdat hij in 1661 door een groep mensen werd benaderd die een vrije coöperatie in de kolonie Nieuw Nederland wilde stichten. Van den Enden schreef namens hen verzoekschriften aan het stadsbestuur; tevergeefs, want daar vond men het plan te eigenzinnig en te duur.
Van den Enden publiceerde zijn verzoekschriften met een wervende inleiding en een politiek nawoord. Daarmee vormt het Kort bericht de basis voor de revolutionaire ideeën die hij in zijn Vrije staatkundige stellingen uitwerkte en die uiteindelijk tot zijn executie in Parijs zouden leiden.
In dezelfde tijd kreeg de al even radicale Pieter Plockhoy wél toestemming om met een groep gelijkgestemden scheep te gaan naar de Amsterdamse kolonie aan de Zuidrivier (nu de Delaware). Ook Plockhoy publiceerde zijn plan.
Beide teksten verschijnen nu voor het eerst in modern Nederlands, met een inleiding en verklarende noten van vertaler Roek Vermeulen
Gerelateerde boeken
-
Het Lam Gods
€ 39,90Het Lam Gods van Jan en Hubrecht van Eyck is een uitzonderlijk meesterwerk, een van de invloedrijkste schilderijen ooit gemaakt. Peter Schmidt schetst de historische achtergrond, het ontstaan en de lotgevallen van het altaarretabel. Hij leidt de lezer binnen in de complexe verhouding tussen beeld en interpretatie. De iconografische rijkdom van Het Lam Gods is niet gemakkelijk te doorgronden. De auteur gidst ons langs de vierentwintig panelen van het veelluik, waarbij de bijbel en de geschriften van de kerkvaders gebruikt worden als sleutels.
Peter Schmidt is titulair-kanunnik van de Sint-Baafskathedraal, doctor in de theologie en vermaard exegeet. Hij is lid van de European Academy of Sciences and Arts in Wenen.
-
Wij willen het hier rustig houden
De markante geschiedenis van de Benoordenhoutse buurt Uilennest€ 22,90 -
Hannekemaaiers en Kiepkerels
€ 16,90Vanaf de Gouden Eeuw tot aan de Eerste Wereldoorlog kwamen elk voorjaar duizenden seizoenarbeiders vanuit Duitsland naar Nederland om de boeren te helpen bij de hooioogst. Ze werden hannekemaaiers, mieren of poepen genoemd. Individueel of in groepjes boden ze zich aan. Boeren in het noorden hadden gemiddeld twee tot vier hannekemaaiers aan het werk. Sommigen kwamen jaar na jaar terug bij dezelfde boer. Anderen handelden in linnenwaren. Deze ‘lapkepoepen’ vormden de basis van talloze winkels en bedrijven in kleding en textiel die nu nog steeds in Nederland aanwezig zijn.
In Hannekemaaiers en Kiepkerels beschreef Kornelis Mulder (1916-1978) de geschiedenis, de herkomst en de invloed van deze seizoenarbeiders.





