Leuven en zijn colleges
€ 29,90
Studenten komen al eeuwenlang uit alle windstreken van de Lage Landen naar de Katholieke Universiteit Leuven (gesticht in 1425). Van Artesië in het zuiden tot Friesland in het noorden. Filips Willem, zoon van Willem van Oranje, Marnix van Sint-Aldegonde, Johan van Oldenbarnevelt, Erasmus, Dodoens, Vesalius, Mercator, zelfs paus Adrianus van Utrecht, zaten er op de studiebanken. Leuven was hét trefpunt van het intellectuele leven in de Nederlanden. Edward De Maesschalck geeft een verrassend en vernieuwend beeld van een tot nu toe onderbelicht maar belangrijk facet van de universiteitsgeschiedenis: de colleges. Deze werden gesticht door weldoeners die hun bezittingen voorbestemden om tot ver na hun dood te voorzien in de kost en inwoning voor familieleden, streekgenoten of gewoon voor arme studenten. Het was mecenaat avant-la-lettre, een zeldzame kans om de maatschappelijke ladder te beklimmen.
Gerelateerde boeken
-
Sprekende stenen
€ 29,90Levensverhalen van 263 nazi-slachtoffers
In de Schilderswijk in Groningen zijn 263 mensen omgekomen door naziterreur: Joden, verzetsstrijders, studenten en anderen die voor nazi’s moesten werken of dat juist weigerden. Voor bijna al deze mensen is een Stolperstein voor hun voormalig woonhuis gelegd. Sprekende stenen vertelt de verhalen bij deze stenen. Er zijn nabestaanden overal in de wereld opgespoord en verhalen opgetekend die nog niet eerder zijn vastgelegd. Over mensen met dromen en idealen: uitvinders van puddingpoeder of splintervrije brillenglazen, vluchtelingen die zich in leven houden met een kraam op de markt, een parketmedewerker die vermomd als zuster Jo per ambulance verzetsdaden pleegt, een meisje dat opeens niet meer naar school mag.
Verhalen die duidelijk maken hoe mensen in moeilijke omstandigheden veerkrachtig blijven: de behangwinkelier die verduisteringspapier gaat verkopen, mensen die hun baan of bedrijf kwijtraken en vervolgens een pension beginnen, de buurman van de foute hoofdcommissaris van politie die onderduikers helpt.
De Tweede wereldoorlog wordt daarmee heel concreet binnen de grenzen van een wijk: vluchtelingenproblematiek, collaboratie en verzet, het doorgaan van het dagelijks leven, Arbeitseinsatz, Jodenvervolging, onderduiken, een vergissingsbombardement, zware gevechten bij de bevrijding. Dat geeft het boek een extra dimensie.
Sprekende stenen roept ook de vraag op: Wat had ik gedaan? Had ik onderdak durven bieden, verzet durven plegen? -
Opstand en ondergang van de veenarbeiders in Zuidoost-Drenthe
€ 39,95In 1921 stond Zuidoost-Drenthe letterlijk en figuurlijk in brand. De dramatische gebeurtenissen van dat jaar, de aanloop en de onderliggende oorzaken worden in Opstand en ondergang van de veenarbeiders in Zuidoost-Drenthe 1860-1921 op indringende wijze beschreven.
Turfwinning was decennialang de belangrijkste bedrijfstak in Zuidoost-Drenthe. Toen in 1921 de turfwinning in het gebied instortte ontstond een sociale ramp: werkloosheid, armoede en honger. De veenarbeiders kwamen hiertegen massaal in opstand.
Deze crisis kwam echter niet uit de lucht vallen. Al vijftig jaar eerder waren er tekenen dat de turfwinning zijn langste tijd gehad had, doordat turf steeds meer door steenkool werd vervangen. De teruglopende rentabiliteit werd op de veenarbeiders afgewenteld, onder meer door het verlagen van hun lonen. In dezelfde periode kreeg het socialisme voet aan de grond en werden er vakbonden opgericht. Deze ontwikkelingen zetten de arbeidsverhoudingen verder op scherp. Juist in deze periode raakten in andere gebieden de turfvoorraden uitgeput en verschoof de turfwinning naar Zuidoost-Drenthe. Gesteund door hun vakbonden kwamen de veenarbeiders in opstand. Maar ook binnen de vakbewegingen was rivaliteit. Anders dan in de rest van Nederland speelde in Zuidoost-Drenthe binnen de vakbewegingen vooral de botsing tussen de revolutionaire socialisten en sociaaldemocraten. Het overgeleverde beeld van arme, ongeschoolde en opstandige veenarbeiders is sterk bepaald door deze laatste fase van de vervening.
Dit boek beschrijft de sociale en economische aspecten van de veenwinning, de opkomst en rivaliteit binnen de vakbewegingen en de aanloop naar de massale arbeidersopstand van 1921 in Zuidoost-Drenthe.



