Weerbaar
€ 27,90
Geen keus. Dat antwoordde Arnold Douwes (1906-1999) op de vraag waarom hij zich inzette voor de Joden. Vanuit het Drentse dorp Nieuwlande redde hij, samen met anderen, velen het leven. Hij zorgde in zijn ondergrondse netwerk voor begeleiding, onderdak, geld en bonnen. Yad Vashem onderscheidde hem in 1965 als een Rechtvaardige onder de Volkeren.
Arnold Douwes was een weerbare man die op vier continenten een avontuurlijk leven leidde. Hij handelde in overeenstemming met zijn eigen waarden ook wanneer de druk groot werd om dat niet te doen. Geboren in het Gelderse Laag-Keppel zwierf hij van zijn twintigste tot zijn dertigste door de Verenigde Staten. Als vermeende communist werd hij in 1936 naar Nederland uitgezet. Na de oorlog woonde hij bijna tien jaar in Zuid-Afrika, waar hij zich verzette tegen de Apartheid. Daarna woonde hij dertig jaar in Israël. Zijn oude dag bracht hij in Nederland door, waar hij eindelijk tot rust kwam.
Michiel van Diggelen (1957) is historicus. Hij schreef onder meer een biografie van Ab Visser en de historische roman De exodus van Hendrik Peter Scholte.
Richard Tanke (1957-2025) promoveerde als kernfysicus en werkte vele jaren bij de KEMA. Hij ontwikkelde zich tot een sociaal ondernemer die zich inzette voor mensen met een beperking.
”My Dutch readers may also be interested in the excellent biography of Arnold Douwes that was published recently.” – Rutger Bregman
”Mensen als Arnold inspireren en geven hoop. Het is goed dat het mooie boek hier aandacht voor vraagt.” – Jan Peter Balkenende
Gerelateerde boeken
-
Spitten voor de vijand
€ 22,90Meer dan honderdduizend mannen werden vanaf september 1944 opgeroepen om te werken aan Duitse verdedigingswerken in Nederland. In de nog bezette provincies werden de arbeiders gedwongen tewerkgesteld aan de bouw van tankgrachten, loopgraven en schuttersputjes, vaak onder slechte omstandigheden. Voor de Duitsers was het belang groot om de geallieerden zo lang mogelijk tegen te houden. Er werd dan ook hard opgetreden tegen weigeraars.
Voor velen waren de principiële bezwaren te groot, zij besloten onder te duiken. Anderen hadden die mogelijkheid niet. Zij probeerden zich aan te passen aan de omstandigheden en saboteerden waar ze maar konden. Een groot deel van deze zogenoemde spitters zag kans om te vluchten of keerde niet terug van verlof. Zij waren daarna veroordeeld tot een leven als onderduiker. Zij die als onderduikers tijdens de vele razzia’s, of door verraad, werden gepakt, kwamen na een verblijf in een gevangenis in een strafkamp in Duitsland of Drenthe terecht.
Eén van die mannen was Eelke Dijkstra. Samen met dertig anderen werd hij in november 1944 vanuit het Huis van Bewaring in Leeuwarden overgebracht naar Yde, een klein Drents dorpje onder de rook van Groningen. Zijn oorlogsdagboek was voor zijn kleinzoon en auteur Erik Dijkstra aanleiding om onderzoek te doen naar het vergeten strafkamp in Yde. Wat volgde was een reis door de geschiedenis waarin bijzondere ontdekkingen werden gedaan en veel betrokkenen voor het eerst hun verhaal vertelden. Door intensief archiefonderzoek kwamen schokkende feiten boven water over vier gefusilleerde dwangarbeiders in november 1944. De vele brieven, dagboeken en getuigenissen vertellen samen het verhaal van strafkamp Yde en de tewerkstelling in Drenthe.
Erik Dijkstra is schrijver/journalist en doet al jaren onderzoek naar de tewerkstelling in Drenthe.
-
Het huis dat tussen vriend en vijand staat
De militaire opeisingen 1938-1946€ 34,90E-book: € 27,99 -
Uit de lus van de strop
€ 27,50Al in de jaren 1920-30 komen vele Joodse studenten uit de Oost-Europese landen naar Gent, op de vlucht voor discriminatie en raciale vervolgingen. Deze toekomstige ingenieurs studeren in de ‘Bijzondere Scholen voor de Burgerlijke Bouwkunde, Mijnen en Kunst- en Fabriekwezen’. Na hun studies kan een groot deel van hen in het Gentse industriebekken terecht.
En dan breekt de Tweede Wereldoorlog uit. Vanaf 1942 is het vooral de hoop, het vertrouwen, de moed en de kracht die in sterke mate de overlevingsdrang van de Joodse families bepalen. Niet alle verhalen lopen goed af. In het Gentse verzet nemen de ingenieurs een belangrijke plaats in, maar ook burgers uit alle lagen van de
bevolking bieden weerwerk.
Marc Verschooris reconstrueert het leven van de slachtoffers maar brengt ook de verhalen van de overlevenden die als bij wonder aan de strop van de haat zijn ontsnapt. Naast angst voor het antisemitisme van vroeger en nu, is er ook dankbaarheid voor de heldendaden van zij die resoluut kozen voor steun, respect en solidariteit. Vele, niet eerder gepubliceerde foto’s, geven de hoofdrolspelers in dit boek, een gelaat.Marc Verschooris is geassocieerd onderzoeker bij het CEGESOMA. ‘De papegaai is niet dood. Geheim agenten Albert Deweer, Albert Mélot en Albert Wouters – Gent 1944’ verscheen bij uitgeverij Sterck & De Vreese.
-





