100 jaar TT Assen
€ 69,90
De TT Assen is een van de grootste, internationale, sportevenementen in Nederland en kent een rijke geschiedenis. Ter ere van het honderdjarig jubileum verschijnt dit bijzondere fotoboek, waarin iconische momenten uit de rijke geschiedenis zijn vastgelegd.
Een eeuw geleden reden de coureurs nog over de (zand) wegen in en rondom Assen. Nu is de race een uiterst professioneel evenement met meer dan 150.000 bezoekers – waaronder veel uit het buitenland – om te juichen voor helden als Valentino Rossi, Giacomo Agostini, Nederlandse winnaars als Jack Middelburg en om te genieten van het scheurende geluid van de motoren en de geur van verbrand rubber.
100 jaar TT Assen is een visuele ode aan de motorrace, legendarische coureurs en hun strijd op het circuit van 4,5 km lang en 14 bochten. En een ode aan de honderd duizenden bezoekers en duizenden medewerkers die dit evenement in Drenthe al die tijd mogelijk maakten. Schitterende fotografie en een tekst die het hart van iedere motorliefhebber raakt, maken dit boek tot een blijvende herinnering.
Nederlands | English
Gerelateerde boeken
-
Feesten als wilde beesten
€ 39,95Feesten als Wilde Beesten is een uniek concert- en fotoboek over de betekenis en invloed van de Achterhoekse boerenrockband Normaal. Het vuistdikke bewaarexemplaar legt de bewogen geschiedenis vast vanuit het perspectief van de fans. Geen interviews en lange verhalen, maar een prachtige en overzichtelijke impressie van de Vijftigjarige Veldtocht door Nederland met meer dan 3000 optredens en meer dan vijf miljoen bezoekers in zalen en feesttenten. Normaal (doen) is een levenswijze, die in het dagelijks leven van generatie op generatie wordt doorgegeven.
“Een Normaal-concert is een merkwaardig festijn. Bij de entree van de zaal viel me al op dat er geen sprake was van een ‘normaal’ optreden. Drie generaties gingen naar binnen. Vaders en moeders die zich nog één keer in spijkerdracht gestoken hadden, namen hun kinderen op de schouders en in het gedrang bevonden zich zelfs een opa en oma die hun invalide kleinzoon in zijn wagentje over de drempel rolden. Een waar familie-uitstapje”, aldus Tom ter Bogt, emeritus hoogleraar populaire muziek- en jeugdcultuur.
Dolf Ruesink heeft (bijna) alle concerten die Normaal gaf op een rij gezet en een overzicht gemaakt per provincie. Dit geeft een uniek beeld waar de band het meeste optrad, van de veengronden in Drenthe tot het Limburgse Heuvelland. Wat duidelijk wordt, is dat Normaal juist in de plattelandsgebieden die zich vaak achtergesteld voelen door de Randstad en landelijke politiek immens populair is.
Elke provincie heeft eigen Normaal-tradities die in het boek uitgebreid in beeld en tekst aan bod komen. Zoals het gooien met bier, natte T-shirts en lingerie, varkensraces, moddergevechten, kermisruzies, bruiloftsgeschenken, fanclubdagen en het vervoer van publiek naar concerten per trekker en veewagens.
Feesten als wilde beesten kan daarom ook gezien worden als een rijk geïllustreerde culturele atlas van Nederland en is een feest van herkenning voor de Normaal-fan en de muziekliefhebber van (Nederlandse) rockmuziek.Dolf Ruesink (Winterswijk, 1952) is professioneel journalist en auteur. Voor de Geassocieerde Pers Dienst interviewde hij in zijn lange loopbaan vele (inter)nationale popartiesten. Vanaf de oprichting in 1975 volgt hij Normaal, schreef met drummer Jan Manschot het boek ‘Wat is Normaal?’ en was jarenlang hoofdredacteur van het fanclubblad Anhangerschapbode.
Ruesink is samensteller van de door Normaal uitgegeven Høkbiebel en bedenker van de albumtitels ‘Kriebel in de Konte’, ‘De Wilde Joaren’ en ‘De Bokse Vol’. Als scherp observator kent hij de achtergronden, taal en gewoonten van de band en de fanatieke aanhang. In zijn nieuwste boek ‘Feesten als Wilde Beesten’ staan de høkers centraal in de boeiende geschiedenis van 50 jaar Normaal.
-
De Koloniën van Weldadigheid
€ 16,90De Koloniën van Weldadigheid, dat zijn zeven indrukwekkende culturele landschappen in Nederland en België. Zij vertellen een verhaal dat 200 jaar geleden is begonnen. Het is een verhaal van grootse ambities: armoede uitroeien, mensen een beter bestaan geven, arme grond bewerken… De schaal waarop dit gebeurde was ongekend. Twee eeuwen later beginnen de Koloniën aan een nieuwe toekomst. Ze zij wereldwijd uniek als getuigen van een Verlicht, utopisch experiment en van wat daarop volgde. Maak kennis met de Koloniën en hun fascinerende verhaal. Een verhaal van mensen.
Kun je mensen door werk, opleiding en disciplinering weer de draad van hun leven doen oppakken? Hen uit de armoede halen? En daar een nationale ambitie en een privaat-publieke samenwerking van maken? Ja, wist de Maatschappij van Weldadigheid in 1818, toen ze haar eerste van zeven Koloniën van Weldadigheid oprichtte. Het werden er in zeven jaar vijf in het noorden van Nederland, en twee in België (in de Antwerpse Kempen).
De proloog van het verhaal is er een van utopisch en verlicht denken. De mens en het landschap waren maakbaar, was de overtuiging. Uit de volgende hoofdstukken van het verhaal blijkt dat de werkelijkheid iets complexer in elkaar zat en zit. Zoals dat met verhalen vaker het geval is komen er ook donkere bladzijden in voor. Van maakbaar naar laakbaar, soms.
De Koloniën evolueerden in twee eeuwen naar wat ze vandaag de dag zijn. Indrukwekkende landschappen met fraaie rechte lanen, ‘gewone’ dorpen, zorg- en penitentiaire instellingen en buitengewoon veel getuigen van wat er zich tweehonderd jaar lang heeft afgespeeld. Hier kreeg het levensverhaal van duizenden mensen en hun families mee vorm. Daar waren niet zelden ongemakkelijke gevoelens mee verbonden.
Het ongemak heeft sinds enige tijd plaatsgemaakt voor trots, respect en waardering. De trots van families die zich sociaal en maatschappelijk hebben opgewerkt. Respect voor het natuurlijke en gebouwde erfgoed. En waardering die zich uit in de bescherming van het Kolonielandschap,
dat zich ook verder ontwikkelt.De Koloniën van Weldadigheid, dat is een verhaal met veel hoofdstukken en vooral heel veel betrokken mensen. Dat is vandaag de dag niet anders. De toekomst ziet er alvast veelbelovend uit. Dit boek helpt om te begrijpen waar die toekomst vandaan komt en toont het bijzondere karakter van deze landschappen. Aan de hand van een verkorte geschiedenis laten we de verscheidenheid en uniciteit van de zeven Koloniën – vrije en onvrije – zien in tekst en beeld.
-
Geschiedenis van Drenthe
€ 39,50Drenthe kent een lange bewoningsgeschiedenis. De oudste sporen van menselijke aanwezigheid gaan zeker 50.000 jaar terug, misschien wel meer dan 100.000 jaar. In die lange periode voltrekken zich grote veranderingen. Gedurende het grootste deel van die eindeloze tijd leven de bewoners als jager-verzamelaars. Vanaf 5000 v.C. nemen ze zeer geleidelijk agrarische praktijken uit zuidelijker streken over. De invloed op het landschap wordt steeds groter. Er worden akkers aangelegd en opvallende grafmonumenten opgericht: eerst hunebedden, later grafheuvels en uitgestrekte urnenvelden. Lange tijd kan de bevolking, die in kleine gehuchten woonde, haar zelfstandigheid behouden. Ze blijft buiten het Romeinse Rijk, maar rond 800 na C. volgt dan de hardhandige inlijving bij het Frankische Rijk van Karel de Grote.
De veranderingen die dat met zich meebrengt, zijn diepgaand. De oude religie wordt langzaam verdrongen door het Christendom, er worden kerken gebouwd en de dorpen komen op hun huidige plaats terecht. Drenthe blijft ook in de eeuwen daarna een agrarische regio, met slechts enkele kleine stedelijke kernen. Adel speelt er nauwelijks een rol. De grootschalige veenafgravingen, die kort na 1600 beginnen, zullen het aanzien van het ooit door moerassen omgeven ‘oude landschap’ dramatisch veranderen.Geschiedenis van Drenthe – Een archeologisch perspectief geeft een overzicht van wat de archeologie heeft bijgedragen aan de kennis over Drenthe vanaf de vroegste tijden tot aan de Tweede Wereldoorlog. Vanaf de 9e eeuw zijn er weliswaar historische bronnen, maar die vertellen maar een deel van het verhaal. Archeologen kunnen met hun specifieke onderzoeksmethoden kennis over de Middeleeuwen en de Nieuw(st)e Tijd genereren die niet uit geschreven bronnen te halen is. We maken kennis met jachtkampementen, monumentale en bescheiden grafmonumenten, opgegraven gehuchten en sporen van rituelen in nederzettingen en daarbuiten. En natuurlijk ontmoeten we (anonieme) mensen, waaronder machtige hoofdmannen en een onfortuinlijk ‘lelijk eendje’.
Dr. Wijnand van der Sanden (1953) studeerde West-Europese Prehistorie aan de Rijksuniversiteit Groningen en was 30 jaar provinciaal archeoloog van Drenthe, de eerste tien jaar in combinatie met het conservatorschap bij het Drents Museum. Sinds 2017 is hij conservator archeologie bij het Drents Museum. Hij schreef diverse boeken over veenlijken in en buiten Nederland, houten ‘godenbeelden’ uit Noordwest-Europa en galgenbergen en hunebedden in Drenthe.
-
Van Neanderthaler tot Rendierjager
€ 17,50‘Van neanderthaler tot rendierjager’ is het eerste deel in een toegankelijk en rijk geïllustreerde reeks over de archeologie van Drenthe. Meer dan 115.000 jaar geleden liet een neanderthaler zijn vuurstenen werktuig achter in wat wij nu Drenthe noemen. Voor zover we weten was hij of zij de allereerste mens in deze contreien. In de daaropvolgende 85.000 jaar zou deze nu uitgestorven menssoort met tussenpozen in Drenthe verblijven. Van hun aanwezigheid zijn echter niet veel sporen achtergebleven. Alleen hun stenen werktuigen herinneren ons aan deze lang vervlogen tijden. Archeologen kunnen echter veel afleiden aan deze oeroude artefacten. Waar zijn ze voor gebruikt? Hoe zijn ze gemaakt en wat vertellen ze ons over het leven van de neanderthaler in Drenthe?
Zo’n 40.000 jaar geleden stierf de neanderthaler uit en bleef de nieuwkomer Homo sapiens alleen achter. Omdat het noorden van Europa gevangen was in de ijskoude greep van de ijstijd leefden onze verre voorouders in eerste instantie alleen in meer zuidelijkere regio’s. Maar toen de temperatuur steeg, trokken ook deze jagers op den duur naar Drenthe. Omdat zij voornamelijk leefden van de jacht op rendieren, noemen wij hen ‘rendierjagers’. In een tijd van zeer snelle klimaatwisselingen aan het einde van de laatste ijstijd volgden verschillende rendierjagersculturen elkaar snel op. Ook van deze mensen zijn de meeste sporen volledig verdwenen, maar dankzij resten van hun kampementen, haardplaatsen en wederom stenen werktuigen vangen we een glimp op van hun dagelijks leven.
In ’Van neanderthaler tot rendierjager’ vertellen wij het verhaal van deze prehistorische mensen die leefden in wat archeologen de Oude Steentijd noemen. In een voor ons onherkenbaar Drenthe, volkomen afhankelijk van het klimaat en van wat de natuur hen bood, hadden zij allen hun eigen manier om hier een bestaan op te bouwen. Maar of dit altijd even succesvol was….
De reeks ‘Archeologie in Drenthe’ is een samenwerking van Stichting Het Drentse Landschap, Het Hunebedcentrum, Stichting Stone en Uitgeverij Koninklijke Van Gorcum.





