De Jorwerter Dweilstikken
€ 15,00
Dit boek befettet in seleksje fan de humoristyske, ûntroerende en soms sterke ferhalen dy’t mei fjoer ferteld wurde – kear op kear – oan de stamtafel fan it kafee yn Jorwert. It is in earbetoan oan it doarp mei syn kleurrike ynwenners: ambachtslju, boeren, middenstanners, dûmnys en notarissen.
En it is benammen ek in earbetoan oan de fertelkultuer.
Douwe Klaas de Bildt (1952, Boalsert) tekene fan 2007 ôf dy kroechferhalen op ûnder de titel ‘Dweilstikken’ foar de Jorwerter doarpskrante De Hiele Toer. Dweilstikken is de bynamme foar Jorwerters.
Gerelateerde boeken
-
De otter
€ 15,00Het is nog niet zo lang geleden dat de otter in Nederland was uitgestorven. Gelukkig is dit mooie zoogdier, dat afhankelijk is van schoon water en rust, nu weer volop te bewonderen, dankzij de inspanningen van organisaties, overheden en vrijwilligers. Aan de hand van talrijke schitterende foto’s en unieke (nacht)beelden van bewegingscamera’s biedt dit boek een boeiende kennismaking met de otter, zijn verschijning, gedrag en leefgebied.
Daarnaast is het een levendig verslag van de belevenissen en waarnemingen in het veld van otterkenner Harrie Bosma, die als geen ander weet wat de otter beweegt. -
Vergeten ijzer
€ 24,90Jan Willem van Vliet fotografeerde vervallen fabrieken en machines die ooit de sociaaleconomische ruggengraat van Groningen vormden. De foto’s herinneren aan de oude glorietijd van de scheepvaart- en steenbakindustrie, de strokartonfabrieken en kalkovens. Een aantal panden, zoals de Glasfabriek in Groningen en de Philips beeldbuizenfabriek in Stadskanaal, is inmiddels voorgoed verloren. Maar dankzij de iconische foto’s van Van Vliet toch niet helemaal.
Alle foto’s zijn verrijkt met verhalen en portretten van ooggetuigen: Frank von Hebel sprak met de arbeiders die de stenen stapelden, klinknagels in scheepswanden drilden en vertrouwd waren met de fluit die aankondigde dat het schafttijd was.
Vergeten IJzer is een eerbetoon aan het oud industrieel erfgoed van Groningen en een pleidooi voor het hergebruik ervan.
Jan Willem van Vliet (1959) is sinds 1981 werkzaam als zelfstandig fotograaf in Noord-Nederland. Zijn hart ligt bij de (regionale) journalistiek.
Frank von Hebel (1974) werkt als journalist voor het Dagblad van het Noorden. Daarnaast is hij auteur van een breed scala aan boeken, zowel fictie als non-fictie.
-
Wei, mar net fergetten
€ 24,90Tusken 2011 en 2020 betocht Cor Waringa sneintemoarns op Omrop Fryslân it libben fan Friezen dy’t yn dy tiid weirekken. It wiene trochstrings gjin ferneamde lju, mar gewoane minsken. Mar withoefaak die bliken hoe ûngewoan oft it libben fan sokke manlju en froulju bytiden ferrûn. Yn de 139 miniatuerkes dy’t yn dit boek opnommen binne folget de skriuwer har op har wei troch it libben en krijt de lêzer tagelyk in byld foar eagen fan de maatskippij dy’t mei de tiid feroare. Foar de brijkarre kaam de supermerk yn it plak en der kaam in tiid dat in arbeidersjonge trochleare koe foar dominy of dokter. Guon giene mei har tiid mei en oaren holden fêst oan it âlde. Wêr kamen se úteinlik telâne troch har mismoedigens, har eigenwizens, har tefredenheid, har beheinings of har sucht nei aventoer? En as de ein yn sicht kaam, hoe giene se dêrmei om?
Cor Waringa (1944) groeide op yn Aldeboarn, studearre yn Amsterdam skiekunde en yn Kampen teology en wie dominy yn Drylts, Ljouwert en op ’e Jouwer.
-
Kleur Veenhuizen
€ 29,95KLEUR VEENHUIZEN is het handboek bij de kleurenwaaier voor Veenhuizen. Het is gemaakt voor bewoners, eigenaren en beleidsmakers, maar ook voor wie nieuwsgierig is naar de ontstaansgeschiedenis van de gebouwen en het landschap.
De ‘pauperkolonie’ Veenhuizen werd in 1822 gebouwd om bedelaars, landlopers en arme gezinnen uit de grote steden een beter bestaan te geven op het platteland. Gaandeweg ontwikkelde Veenhuizen zich tot een strafkolonie. De transformatie tot gevangenisdorp bracht een enorme bouwproductie op gang. Aan het begin van de 20e eeuw was Veenhuizen een zelfvoorzienend gevangenisdorp geworden met scholen, kerken, een hospitaal, werkgebouwen, boerderijen en dienstwoningen waarin het leven tussen gevangenen en bewoners sterk met elkaar vervlochten was. Tot 1983 was Veenhuizen gesloten voor publiek. Hier woonde alleen wie er ook werkte. Met uitzondering van de kerken was heel Veenhuizen in bezit van het Rijk en werd door het Rijk collectief beheerd en onderhouden.
Veenhuizen is ondertussen veranderd van een Justitiedorp in een woonlandschap met daarin nog steeds een aantal in gebruik zijnde gevangenissen. De overgang van één grote eigenaar naar vele eigenaren betekent de overgang van collectief naar individueel uitgevoerd onderhoud en beheer. Vooral bij de woonhuizen worden de gevolgen hiervan zichtbaar. Ramen worden vervangen, luiken verdwijnen en het schilderwerk van de onderdelen krijgt andere kleuren. Daardoor vervagen de zo karakteristieke reeksen en families van gebouwen.
Het handboek en de kleurenwaaier richten zich op de modelwoningen en -boerderijen uit de periode tussen 1884 en 1930 en op de structurerende en terugkerende onderdelen van de bebouwing en het landschap. Daar zijn een aantal praktische redenen voor. De grondtoon van Veenhuizen ligt verankerd in de herhaalbare gebouwtypes en de algemene dragers van het landschap. Het zijn met name deze woningen en boerderijen die particulier beheerd en onderhouden gaan worden en die belang hebben bij toegankelijke en hanteerbare kennis. Het handboek vult de kleurenwaaier aan met kennis van de gebouwen, hoe ze zijn gebouwd, met welke bouwmaterialen, details en kleuren. En het laat de landschappelijke onderdelen zien die het karakteristieke beeld bepalen, in de straat en op het erf.




