Dinogedrag
€ 39,90
Een verrassende geïllustreerde gids over deze buitengewone wezens door een wereldberoemde paleontoloog.
De paleobiologie heeft zich ontwikkeld van een speculatief vakgebied naar geavanceerde wetenschap. Vooral het onderzoek naar fossielen is de laatste jaren sterk verbeterd. Daardoor wordt steeds duidelijker hoe dinosauriërs hebben geleefd. Deze geïllustreerde gids verkent het gedrag, de evolutie, de fysiologie en het uitsterven van dinosauriërs, en neemt de lezer mee naar de mysterieuze wereld van deze tot de verbeelding sprekende dieren. Met speciaal voor dit boek door Bob Nicholls gemaakte illustraties legt Dinogedrag uit hoe de dinosauriërs elkaar het hof maakten, hoe ze vochten, wat ze aten, hoe ze bewogen, met elkaar omgingen en nog veel meer.
• Bevat een schat aan adembenemende illustraties
• Biedt nieuwe inzichten in de prehistorische wereld waarin dinosauriërs leefden
• Werpt licht op hoe dinosauriërs er werkelijk uitzagen, hoe ze bewogen en hoe snel ze renden
• Verklaart het voedingsgedrag van vleeseters, planteneters, aaseters en solitaire jagers
• Bespreekt het zicht, gehoor, de ruimtelijke oriëntatie en de intelligentie
• Brengt het sociale gedrag van dinosauriërs tot leven, van paren en ouderlijke zorg tot groepsdynamiek en migratie
• Neemt de lezer mee achter de schermen van de laatste, opwindendste ontdekkingen
MICHAEL J. BENTON is hoogleraar gewerveldenpaleontologie aan de Universiteit van Bristol en lid van de Royal Society. Eerder verscheen bij Noordboek van zijn hand Dinosauriërs – Hoe ze er werkelijk uitzagen. Tot zijn eerdere boeken behoren Dinosaurs Rediscovered: The Scientific Revolution in Paleontology en When Life Nearly Died: The Greatest Mass Extinction of All Time.
BOB NICHOLLS is een vermaard paleokunstenaar wiens werk wordt tentoongesteld in musea en universiteiten over de gehele wereld. Zijn kunst is opgenomen in talrijke boeken, waaronder Dinosaur Art en The Complete Dinosaur.
Gerelateerde boeken
-
Het huisgeld en de penningen
Van de Maatschappij van Weldadigheid en de Rijksgestichten 1821-1871€ 29,95Het huisgeld en de penningen
€ 29,95In 1818 wordt onder de bezielende leiding van Johannes van den Bosch de Maatschappij van Weldadigheid opgericht. In Drenthe sticht hij verschillende koloniën, waar arme landgenoten de kans wordt geboden om door landarbeid een beter bestaan op te bouwen. De kolonisten worden er verplicht om in de koloniewinkels met eigen papieren en metalen huismunten te betalen. Inmiddels zijn de Koloniën van Weldadigheid Unesco Werelderfgoed.
Op meeslepende wijze vertelt Wiebe Nijlunsing hoe het stelsel van huismunten ontstaat en functioneert, waarbij hij de gebruikte munten beschrijft én verschillende situaties waarin deze gebruikt zijn. Daarmee geeft het boek een geheel nieuwe inkijk in de wijze van bestuur en in het dagelijks reilen en zeilen in de koloniën. Een beredeneerde catalogus geeft een helder overzicht van alle op dit moment bekende huismunten.
Dit boek wordt uitgegeven onder auspiciën van het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Munt- en Penningkunde. www.koninklijkgenootschap.nl
-
Heer- en broodjagers
€ 29,90Heer- en broodjagers geeft een schets van de cultuurgeschiedenis van de jacht in Nederland en laat zien hoe deze drastisch veranderde. Tal van soorten jagers komen aan het woord: de landgoedeigenaren in Overijssel en Gelderland, de broodjagers aan de vroegere Zuiderzee, de robbenjagers op het Wad, de kistjagers langs de Friese IJsselmeerkust, de herenboeren uit Zeeland en Groningen, de kleine boerenjagers uit Drenthe en waterwildjagers op de Reeuwijkse plassen en in de Biesbosch. Het jagen op de bunzing in de Friese Wouden, op de houtsnip op Ameland, en de Friese wilsterflapper worden zeer uitvoerig geportretteerd. Het boek kent vele verhalen en anekdotes uit de wereld van de jagers.
Heer- en broodjagers geeft door middel van foto’s en beschrijvingen een unieke kijk op de jacht als belangrijk Nederlands cultuurfenomeen.
-
-
Appelscha
€ 25,00Appelscha door de eeuwen heen
Appelscha. Een plaats met een lang en rijk verleden. Hoewel we de naam Appelscha voor het eerst halverwege de dertiende eeuw tegenkomen, was het gebied al lange tijd daarvoor, ver voor het begin van onze jaartelling, bewoond. Eeuwenlang vormden akkerbouw en veeteelt de belangrijkste bronnen van bestaan en bestond het dorp uit boeren en landarbeiders. Dit veranderde met de grootschalige afgraving van het noordoostelijk van de plaats gelegen hoogveengebied. Veenbazen en veenarbeiders van buiten vestigden zich aan de rand van het hoogveen. Naast het oorspronkelijke boerendorp vormde zich een veenkolonie. Tegelijkertijd verplaatste het centrum zich van het ‘oude’ naar het ‘nieuwe’ Appelscha.
Het hoogveen verdween en de betekenis van de landbouw nam in de loop van de tijd af. Nieuwe middelen van bestaan werden gevonden in het toerisme, de industrie en dienstverlening.
Deze sociaaleconomische ontwikkelingen worden in het boek beschreven. Daarnaast is er aandacht voor demografische en landschappelijke veranderingen, voor verenigingen (toneel, zang, muziek en sport), de gezondheidszorg, het kerkelijk leven, het lager onderwijs, de wegverbindingen, vaart en tramlijn.Rinze Lenstra (Appelscha 1945) studeerde economische en sociale geschiedenis. Hij werkte in het middelbaar beroepsonderwijs. Was medeauteur van Geschiedenis van Emmen en Zuidoost-Drenthe (1989) en schreef onder meer Anarchisme en syndicalisme in Spanje (2007).





