Heksenjacht
€ 34,90
Heksen maken mensen, dieren en planten onvruchtbaar. Ze veroorzaken stormen, vliegen op bezems en beroven mannen van hun penissen. Dat is althans waarvan ze werden beschuldigd. De grote heksenvervolging kwam op in de zestiende en zeventiende eeuw, niet toevallig tijdens de Kleine IJstijd. De hoger gelegen gebieden in de Alpen werden door de kou onvruchtbaar en in heel Europa begon het meer te regenen. Vooral daarvan kregen oudere vrouwen, die niets meer konden bijdragen aan de lokale economie, de schuld. Ze werden beschuldigd van hekserij.
Ruud Vermeer beschrijft hoe de heksenjacht zich over Amerika en Europa verspreidde. De vervolgingen bereikten ook de Lage landen. Er vonden heksenprocessen plaats in onder meer het Vlaamse Nieuwpoort en de Nederlandse plaatsen Schiedam, Roermond, Amersfoort en Almen en het hoogveengebied De Peel.
Ruud Vermeer (1953) is schrijver, dichter, historicus en neerlandicus. Over magie publiceerde hij eerder het boek Aleister Crowley, De levensloop van een der grootste magiërs die ooit leefde. Hij was hoofdredacteur van Pandora, tijdschrift voor kunst & literatuur. Bij Noordboek verscheen eerder Meesters van de magie. Een geschiedenis van het westerse occultisme.
Gerelateerde boeken
-
Op reis met de Klipfontein
€ 22,90In 1946 monsterde Toine de Meijer als scheepsarts aan op de Klipfontein, een vrachtschip met passagiersaccommodatie. Zijn eerste reis was naar Nederlands-Indië, waar ze onder andere militairen naartoe brachten en repatrianten ophaalden. Vervolgens voer hij langs de kusten van Afrika en ten slotte naar West-Indië. Bijna dagelijks schreef hij brieven aan zijn ouders en vertelde daarin over de plaatsen die hij bezocht, het leven aan boord en over de mensen die hij ontmoette. Toine was een humoristische en vaak vileine observator. De welgestelde elite met wie hij dineerde aan de officierstafels, de bemanning, de dekpassagiers met hun levende have, de mensen aan de wal: ze komen tot leven in zijn beschrijvingen én in zijn potloodtekeningen. Ook geven de brieven een inkijk in de koloniale wereld waarin Europa destijds nog volop verkeerde, met de grote verschillen tussen de westerse passagiers en de inheemse bevolking.
Tijdens de eerste reis met de Klipfontein ontsproot de liefde tussen Toine en Steventje Ligtelijn. Ze trouwden in 1948 en uiteindelijk besloot Toine zijn varende bestaan op te geven en huisarts aan wal te worden. Hun oudste dochter, Mirjam de Meijer, kreeg pas na de dood van haar ouders de brieven in handen. Ze besloot deze brieven te bundelen in dit boek. Een uniek stuk familiegeschiedenis wordt hiermee blootgelegd, maar ook een reisverhaal dat een interessant tijdsbeeld geeft, met als rode draad het reilen en zeilen van een scheepsarts.
-
-
Joden van Leeuwarden
€ 37,95“Hartog Beem heeft de geschiedenis van de Joodse gemeenten buiten de Randstad op de kaart gezet. Daarvan is dit boek over Leeuwarden een onovertroffen hoogtepunt.” – Rabbijn Edward van Voolen
In 1974 verscheen de eerste editie van ‘Joden van Leeuwarden – Geschiedenis van een Joods Cultuurcentrum’. Als kenner van de joodse bronnen en jarenlang bestuurslid van de gemeente was Hartog Beem (1892 – 1987) als geen ander in staat Joods Leeuwarden van binnenuit te beschrijven, vanaf het prille begin in de zeventiende eeuw tot de jaren zeventig van de vorige eeuw. Hij was al in 1940 gevraagd maar het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog leidde tot uitstel van de plannen. Architectuurhistoricus J.F. van Agt (1922-2013) voegde een hoofdstuk toe over de Friese synagogen, de meeste inmiddels verdwenen.
Voor deze herziene editie schreef Chaim Caran, genealoog van de Friese Joden, een hoofdstuk met nieuwe gegevens over de oudste en de meer recente geschiedenis van de Joden in de Friese hoofdstad, terwijl Edward van Voolen Hartog Beem aan de huidige lezers voorstelt. Ook is het nu voorzien van een namenindex.
De bewogen geschiedenis van de Joden van Leeuwarden krijgt een bijzonder perspectief door de vele citaten uit de notulen van de gemeente, eerst in het Jiddisch en later in het Nederlands. Het tragische lot van de joden in Leeuwarden en het moeizame naoorlogse herstel beschrijft Beem als ooggetuige met ingehouden emotie.




