Pake en zijn vee
€ 24,90
Op de zolder van haar beppe ontdekte Froukje Santing dat haar pake Gerben (1883-1942) aan het begin van de twintigste eeuw naar Zuid-Afrika was vertrokken. Wat bezielde een arme melkknecht uit Zuidwest-Friesland om met het Friese fokvee naar de Kaap te reizen? Ze volgt honderd jaar later zijn spoor terug, vindt een verloren familiegeschiedenis en meer.
Pake en zijn vee vertelt het intrigerende verhaal van de internationale landbouwbanden tussen Friesland en Zuid-Afrika in de nadagen van de Boerenoorlog (1899-1902), waaruit blijkt dat het befaamde Friese fokvee wereldwijd een belangrijke rol speelt.
Froukje Santing (1956) studeerde Wereldreligies in Leiden en Islam in de Moderne Wereld aan de Universiteit van Amsterdam. Ze woonde zeventien jaar in Turkije, waar ze werkte als correspondent voor NRC Handelsblad en het Radio 1 Journaal. Momenteel werkt ze als schrijver en journalist voor o.a. De Groene Amsterdammer en ze was jarenlang vicevoorzitter van PEN Nederland, de schrijversorganisatie die opkomt voor bedreigde schrijvers wereldwijd.
Gerelateerde boeken
-
De vergeten prinsessen van Thorn (1700-1794)
€ 39,90Het stift van Thorn is in de achttiende eeuw the place to
be voor de hoogadellijke dochters van de Europese rijksvorsten
en -graven. Ze worden hier klaargestoomd voor
een huwelijk met een man van stand, leren zich uitdrukken
in het Frans, krijgen zanglessen en organiseren
dansfeesten. Hun japonnen naar de laatste mode uit Parijs
zijn exclusief en de exquise gerechten eten ze met zilveren
bestek. In de glazen kooi waarin ze leven dienen ze voortdurend
het bij hun stand passende gedrag te vertonen,
één enkele misstap kan fataal zijn.
Historicus dr. Joost Welten kon de hand leggen op een
gigantische hoeveelheid nooit eerder geraadpleegde
bronnen en geeft in De vergeten prinsessen van Thorn een
inkijk in de leefwereld van dit voormalige rijk der hoogadellijke
vrouwen. Vorstelijk geïllustreerd met meer dan
150 afbeeldingen – vaak nooit eerder gepubliceerd.
We volgen de adellijke dames op hun reizen door Europa,
tijdens jachtpartijen, maar ook wanneer ze vertwijfeld op
zoek zijn naar geld om hun schulden te betalen. Hoe gaan
zij om met de speelruimte die hun wordt toebedeeld?
Schikken zij zich in een dienstbare rol of zien ze kans om
een eigen kleur te geven aan het leven en daarin iets uit te
drukken van hun idealen en ambities? -
-
Zuivelfabrieken in Friesland
€ 39,90In Friesland zijn sinds het einde van de negentiende eeuw meer dan 160 zuivelfabrieken gebouwd. Ruim een derde van de dorpen en steden had zo’n fabriek. Net als de kerk werd de zuivelfabriek een sociaal referentiepunt, een plek die de mensen in en rondom dorp of stad verenigde in een gemeenschappelijke activiteit, namelijk het maken van boter en kaas.
Van al die oude zuivelfabrieken zijn nog slechts enkele in bedrijf, en meer dan honderd zijn er – soms gedeeltelijk – afgebroken. Zuivelfabrieken in Friesland geeft voor het eerst een compleet en rijk geïllustreerd overzicht van deze fabrieken en hun geschiedenis.
In Zuivelfabrieken in Friesland plaatst historicus Marijn Molema de komst en ontwikkeling van de Friese zuivelfabrieken in een bredere, maatschappelijke context. Architectuurkenner Peter Karstkarel behandelt in het tweede deel de zuivelfabrieken alfabetisch per plaats. Hij gaat daarbij in op ontstaan, geschiedenis en architectonische kenmerken van zowel de fabriek als de directeurswoning.
De basis voor dit standaardwerk is de collectie van Robert Visser, die al zo’n dertig jaar alles verzamelt wat ook maar enigszins te maken heeft met zuivelfabrieken en industriële processen die daarin plaatsvonden. Een unieke collectie die in dit boek is vastgelegd.
-
Rijk, maar niet in geld
€ 49,95Rijk, maar niet in geld vertelt het verhaal van twee opeenvolgende Friese uitgevers, Kamminga en Laverman, tegen de achtergrond van de intellectualisering van het Fries tussen 1920 en 1970. Deze periode is achteraf beschouwd de ‘Gouden halve eeuw’ van de Friese cultuur: in die halve eeuw settelde het Fries, dat begin 1900 nog een volkstaal was, zich stevig als cultuurtaal, en dat ging gepaard met (en hing ook samen met) een opbloei van de Friestalige cultuur.
De taal is in die periode zowel geïnstitutionaliseerd als geïntellectualiseerd en met name aan die intellectualisering hebben de uitgevers van nature een belangrijke bijdrage geleverd. In die halve eeuw verschenen zo’n 3500 Friese titels op een breed gebied, waaronder kinderboeken, prentenboekjes, literatuur, biografieën, studies over ruimtevaart, sportboeken, handboeken op allerlei gebied, reisgidsen en kookboeken.
Het boek gaat dieper in op de manier waarop uitgevers functioneren in een bepaalde ontwikkelingsfase van een minderheidstaal. En niet alleen dat, maar ook hoe ze functioneerden te midden van andere instituties, zoals emancipatiebewegingen, (semi-)overheidsorganen en culturele en wetenschappelijke instellingen. Waar uitgevers in grotere taalgebieden vooral te maken hebben met de markt en in mindere mate met die institutionele achtergrond, is die verhouding in een kleinschalige omgeving geheel anders.
Tegelijk biedt dit boek ook een kijkje in de uitgeverskeuken. Dat gebeurt aan de hand van de opeenvolgende uitgevers Kamminga (ruwweg voor 1945) en Laverman (ruwweg ná 1945). Daarbij staat Kamminga model voor de aanvankelijk vernieuwingsdrang en latere politisering van het interbellum en Laverman voor de consolidatie van de naoorlogse periode. Ook de andere Friese uitgevers komen overigens uitgebreid aan bod.
Louw Dijkstra (1958) studeerde theologie, maar koos na zijn afstuderen voor een loopbaan in het boekenvak. Na een aantal jaren als vertaler voor verschillende Nederlandse uitgevers te hebben gewerkt, richtte hij in 1994 samen met een compagnon een eigen Friese uitgeverij op. Op dit moment is hij uitgever van Wijdemeer.





