Tuinen van verwondering
€ 27,90
Een tuin kan veel betekenen voor degene die erin werkt of voor wie erin rondwandelt. Sommige mensen komen er tot rust, anderen krijgen energie, worden geraakt of vinden er troost. In De Tuinen in Demen kan het allemaal. Vele duizenden liefhebbers weten – van het voorjaar tot het najaar – de twintig siertuinen te vinden. De bezoekers verwonderen zich over de veelzijdigheid van de tuinen en genieten van de bijzondere combinaties van planten, vormen en kleuren.
In Tuinen van verwondering vertelt tuinvrouw Martje van den Bosch waar ze bij het combineren van planten op let. Ze beschrijft haar keuze voor bomen, heesters, vaste planten, bollen en eenjarige planten en inspireert tuiniers er zo toe om hun eigen keuzes te maken. Honderden prachtige tuinfoto’s illustreren haar verhaal en geven de lezer het gevoel zelf in de tuin rond te dwalen.
Deze tuinvrouw zit vol persoonlijke verhalen over ervaringen met mensen en planten in de tuin. Deze leiden soms tot overdenkingen, en er kunnen ook vele vragen worden gesteld. Wanneer is een tuin op zijn mooist? Wat heeft een tuin te maken met geluk, als je dat aan Aristoteles zou vragen? Hoe ziet de ideale tuin volgens Plato eruit?
Martje van den Bosch studeerde Filosofie en was een aantal jaren docente aan Avans Hogeschool. Zij gaf deze baan op om zich geheel toe te leggen op bezoekerstuin De Tuinen in Demen, die zij samen met haar man heeft ontworpen en aangelegd.
Gerelateerde boeken
-
Het verhaal van de kolken in het Dollardgebied
€ 25,00In 2014 is de werkgroep Oldambt van het IVN gestart met het project ‘Kolken in het Dollardgebied’. Het doel was om de kolken in kaart te brengen en waar mogelijk de aanwezige natuur te inventariseren. Kolken zijn ontstaan als gevolg van dijkdoorbraken. Doordat het water zich met grote kracht door de opening perste, ontstond door het kolkende water een diep gat. De doorbraak is vervolgens hersteld door om de kolk heen een nooddijk aan te leggen, waardoor de kolk binnendijks kwam te liggen.
Door de eeuwen heen zijn kolken door de boeren en de lokale bevolking gebruikt als drinkplaats voor vee, stortplaats van afval en als vis-, zwem-, en schaatswater. In de loop van de tijd zijn ondiepe kolken verland of kolken zijn gedempt door de beschikbaarheid van grotere en sterke graafmachines. In het gebied rond de Westerwoldse Aa zijn in de jaren 60 van de vorige eeuw de meeste kolken gedempt. Een klein aantal kolken is als landschapselement bewaard gebleven. Bij de ruilverkavelingen van de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw werden de kolken in het Oldambt in de meeste gevallen in het kader van het toen verplichte landschapsplan als kleine perceeltjes toegewezen aan Staatsbosbeheer. Daarop werd vaak een stukje bos aangeplant. De reden van deze bosaanplant is het idee dat natuur zonder bos geen natuur kon zijn en dat een landschapselement van verre herkenbaar moest zijn. Kolken zijn tegenwoordig kleine natuurgebiedjes, die als een archipel in het voornamelijk agrarische landschap van het Oldambt liggen.
De zoektocht van de werkgroep naar bestaande en voormalige kolken is begonnen met een kaart van de bodemkundige Ir. De Smet, die rond 1960 uitvoerig de bodemeigenschappen en bodemgesteldheid van het Oldambtgebied heeft beschreven en in kaart gebracht. Op een van zijn kaarten heeft hij met rode lijnen de tracés van de bestaande, voormalige en vermoedelijke dijken aangegeven, die gedurende eeuwen in dit gebied aanwezig zijn of waren. Met blauwe stippen heeft hij de plaatsen gemarkeerd van bestaande, voormalige en vermoedelijke kolken. In totaal heeft hij 90 locaties gemarkeerd en daarvan heeft de werkgroep er ruim 30 teruggevonden, die aanwezig of herkenbaar waren. In deze kolken hebben vrijwilligers van IVN, KNNV en Club Oldambster Groen geïnventariseerd wat de toestand per kolk is, welke organismen er zich bevinden en welke natuurwaarden aanwezig zijn. Naast deze natuurinventarisaties heeft het project ook de doelstelling de cultuurhistorische waarden per kolk te inventariseren. Ze onderzoeken de geschiedenis van elke kolk, verzamelen er verhalen over en proberen er achter te komen, wat er met en rondom elke kolk in de loop der eeuwen is gebeurd. Naast het veldwerk is ook veel tijd doorgebracht in meerdere archieven.
-
Dinosauriërs
€ 29,90‘Verbluffende, mooie paleokunst. Nu zien we hoe de dinosauriërs er echt uitzagen.’ — CNN
‘Benton neemt je mee terug naar de dinotijd … in full colour, aan de hand van het nieuwste onderzoek.’
— Anne Schulp, hoogleraar vertebratenpaleontologie aan de Universiteit Utrecht en onderzoeker bij Naturalis in LeidenHoe zagen dinosauriërs er echt uit? Daarover is de afgelopen jaren veel duidelijk geworden. Nieuwe wetenschappelijke technieken maken het mogelijk de huid, de schubben, de veren en de werkelijke kleuren van dino’s en ander oerdieren te reconstrueren. De resultaten vinden we in dit schitterende, rijk geïllustreerde boek.
Dino-onderzoeker Michael J. Benton praat u bij over de nieuwste vondsten, over methoden om de kleuren te achterhalen en over het mogelijke gedrag van deze bijzondere dieren. Bob Nicholls, een van ’s werelds toonaangevende paleokunstenaars, brengt een ichtyosauriër, twee vogels, een zoogdier en twee pterosauriërs in meer dan 150 kleurenillustraties tot leven.Michael J. Benton is hoogleraar paleontologie van gewervelden en hoofd van de wereldwijd toonaangevende paleobiologische onderzoeksgroep aan Bristol-universiteit. Hij heeft meer dan vijftig boeken geschreven, inclusief The Dinosaurs Rediscovered (2019) en When Life Nearly Died (2015). Bob Nicholls verzorgde de indrukwekkende kleurenillustraties.
-
Rentmeester van nature
€ 39,90Dankzij natuurbeschermers van het eerste uur zijn de belangrijkste natuurgebieden in Nederland behouden gebleven. Naast mensen als Heimans en Thijsse speelde ook Van Tienhoven, een van de eerste voorzitters van de Vereniging Natuurmonumenten, een cruciale rol. In Rentmeester van nature beschrijft Frank Saris hoe de ontplooiing van deze nieuwe rijke parallel liep met belangrijke ontwikkelingen binnen de natuurbescherming enerzijds en het (aristocratisch) al dan niet zelf verworven landgoederenbezit anderzijds.
De natuurbeschermingselite koos onder leiding van Van Tienhoven lange tijd voor een weg via de hoogste gezagsdragers, ten voordele van het eigen grootgrondbezit. De Tweede Wereldoorlog vormde voor hem een hoogtepunt en succesverhaal van deze neocorporatistische praktijk van ‘polderen van bovenaf’. De gevolgde strategie veranderde in de bezettingstijd niet wezenlijk; de machtspositie van de gesprekspartners wel, en daarmee de uitkomst. Van Tienhoven zat midden in de oorlog op het toppunt van zijn invloed en macht, iets dat hijzelf steeds nastreefde en dat hij met steun en in de geest van de bezetter sneller vorm kon geven.Frank J.A. Saris (1952) is natuurbeschermer, vogelonderzoeker en natuurontwikkelaar en werkte bij zelfstandige onderzoeksorganisaties. In 2018 verscheen zijn biografie Natuurbescherming als hartstocht, over Victor Westhoff (natuurbeschermer periode 1945-2000).




