De regel
€ 19,90
« Noem niets uw eigendom, maar laat alles voor u gemeenschappelijk bezit zijn.» Zo begint dit kleine en zeer invloedrijke geschrift van Aurelius Augustinus. Wie een leven in de geest van Augustinus wil leiden — en waarom zou je dat niet willen? — geeft het ego op, inclusief alle bezit. Dat doe je niet om je slaafs te onderwerpen — Augustinus heeft een hekel aan strenge, gesloten kloosters — maar om mentale ruimte te creëren waardoor je een oprecht gemeenschapsmens kunt worden.
De regel geldt als een van Augustinus’ meest toegankelijke en invloedrijke geschriften. Aan het einde van de dertiende eeuw leefde men ernaar in duizenden kloosters. De tekst circuleerde toen in meerdere varianten. Ook twee varianten voor vrouwenkloosters zijn hier, net als een brief over het kloosterleven, opgenomen in het oorspronkelijke Latijn en in een fraaie vertaling.
Augustinus (354–430) was een Noord-Afrikaans filosoof en theoloog. Als eerste in de geschiedenis schreef hij systematisch over de vrijheid van de wil, de kracht van het geheugen, en de (on)maakbaarheid van de samenleving. Hij was bisschop van Hippo en geldt als een van de belangrijkste kerkvaders.
Met voorwoord van Paul van Geest en vertaalt door Vincent Hunink
Gerelateerde boeken
-
Bonifatius Kloosterpad
€ 22,90Wandelgids
Bonifatius Kloosterpad
De wandelgids Bonifatius Kloosterpad bevat twaalf aaneengesloten etappen en dertien lokale rondwandelingen. In totaal beslaat het wandelnetwerk zo’n 450 km in oostelijk Fryslân, het gebied tussen Schiermonnikoog en Wolvega.
Auteur Fokko Bosker neemt de wandelaar mee in een schitterend gebied met veel cultuur en natuur. Hij laat je wandelen naar oude kloosterlocaties en uithoven. Een tocht door Wad en Woud, een rijke afwisseling van streeklandschappen en prachtige natuurgebieden.Ook verschenen: Bonifatius Kloosterpad – In het voetspoor van heiligen en pelgrims, met inspirerende verhalen over het gebied dat deze wandelgids bestrijkt.
ISBN 978 90 5615 565 0 -
Al Andalus 711-1494
€ 29,90In de achtste eeuw veroveren de moslims het Iberisch schiereiland Spanje. Al-Andalus (Arabisch Spanje) groeit uit tot een zelfstandig kalifaat met een grote welvaart. Drie eeuwen later heroveren de christenen het gebied in een strijd die bekend staat als de ‘reconquista’. Toledo, Cordoba en Sevilla worden één voor één ingenomen. Na ca. achthonderd jaar valt in 1492 het doek definitief voor Al-Andalus als de katholieke koningen Ferdinand en Isabella het emiraat Granada inlijven bij de rest van Spanje.
Tijdens die acht eeuwen leefden moslims, joden en christenen samen. Vreedzaam en tolerant, zoals sommigen graag geloven. Maar klopt dit met de historische werkelijkheid? Luk Corluy sloopt in dit boek deze mythe. Er was een constante spanning door wederzijdse achterdocht, burgeroorlogen tussen rivaliserende islamitische clans en achterstelling van joden en christenen. Na de herovering van Al-Andalus door de christenen gedoogden de christelijke vorsten de achtergebleven moslims en de islam, maar onder christelijk gezag. Dat was voor de meeste moslims onaanvaardbaar. Moslims en joden kregen de keuze: zich bekeren of het land verlaten. De tolerantie en vreedzaamheid verdampten.
Luk Corluy studeerde filosofie, sociologie en economie en was verbonden aan het departement Economie van de KU Leuven.
-
Doopsgezinden in Friesland
€ 16,90In Doopsgezinden in Friesland schetst historicus Cor Trompetter het ontstaan van de doopsgezinde beweging in Friesland, met als centrale guur de ex-katholiek geestelijke Menno Simons. Hoe kon een minderheid als de doopsgezinden in de zeventiende en achttiende eeuw toch zo’n belangrijk stempel drukken op ons geestelijk erfgoed? Doopsgezinden stonden in politieke zin aan de kant, werden vervolgd en toch speelden ze een buitengewone rol op economisch en cultureel gebied.
Verdrinking, onthoofding, ophanging en verbranding viel een doopsgezinde ten deel vanwege afwijkende standpunten en leer. Ook Menno Simons kwam al snel bij de vervolgers in het vizier en vluchtte daarom weg uit Friesland. Simons is nooit de onbetwiste leider van de doperse beweging geweest. Voortdurend was er strijd binnen die beweging. Verharding van standpunten en daarop volgende scheuringen waren het resultaat. Aan het einde van Menno’s leven waren de conicten zo hevig geworden, dat de doopsgezinde beweging in de Nederlanden feitelijk in verschillende groepen uiteen was gevallen. Ook in Friesland, bij botsingen tussen de ‘harde Friezen’ en de ‘nog hardere Friezen’. De onderlinge verdeeldheid onder doopsgezinden was niet zelden een veel groter gevaar dan welke tegenstander van buiten dan ook. Trompetter schetst een politiek-sociale ontwikkeling van deze stroming in de latere eeuwen.





