Wierdenlandschap
€ 34,90
Wierden zijn er in allerlei afmetingen en verschijningsvormen. Van grote dorpswierden, soms deels afgegraven, tot bescheiden huiswierden die alleen bij een lichte nevel zichtbaar worden. Het zijn oude woonheuvels die ooit werden opgeworpen om de bewoners tegen de stormvloed te beschermen. De kuststrook van Groningen ligt er nog altijd mee bezaaid.
Al meer dan twintig eeuwen worden de wierden omringd door een netwerk van oude wegen, waterlopen en dijken. Ze vormen – ook letterlijk – de hoogtepunten van een oud cultuurlandschap waarin op veel plaatsen nog de onbedijkte kwelders zijn te herkennen.
Het boek beschrijft het wel en wee van de Groninger wierden. Aan de hand van archeologische gegevens, hoogtekaarten, foto’s, reconstructies en bodemprofielen wordt de ontstaansgeschiedenis van de wierden en het kleilandschap verteld én verbeeld.
Ben Westerink (Enschede, 1946) woont op de wierde Adorp. Hij publiceert en geeft rondleidingen over het Groninger kleilandschap.
De schoonheid van het Groningse wierdenlandschap ontleed – Historiek
Gerelateerde boeken
-
-
Vloeiend landschap
€ 25,00Geactualiseerde editie met extra hoofdstuk
In Nederland is er een groeiend onbehagen over de kwaliteit van het landschap. Dit geldt ook voor Friesland, volgens velen de mooiste provincie. De diversiteit en schoonheid van het Friese landschap brokkelt zienderogen af. Anonieme bedrijventerreinen, willekeurig geplaatste windturbines en een verschrompelend veenweidegebied zorgen voor ‘landschapspijn’.
Kan het tij gekeerd worden? Op een rondreis door de verschillende landschapstypen van Friesland laat Peter de Ruyter zien dat het nog niet te laat is. Door mee te bewegen met toekomstige veranderingen als een stijgende zeespiegel en een krimpende bevolking ontstaan er kansen. Dit boek is een pleidooi voor verbetering en visie.
Peter de Ruyter is landschapsarchitect. Van 2008 tot 2012 was hij directeur van Atelier Fryslân dat gevraagde en ongevraagde adviezen over het landschap gaf.
-
Knooppunt Waddenzee
€ 17,90Miljoenen wad- en watervogels trekken ieder jaar heen en weer tussen hun broedgebieden in Groenland, Scandinavië, West-Europa of Siberië, en hun wintergronden in Europa en Afrika. Als je alle routes van die trekvogels op de wereldbol tekent, zie je halverwege die kaart een druk knooppunt: de Waddenzee!
In het project Metawad hebben onderzoekers van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee en de Rijksuniversiteit Groningen vijf compleet verschillende trekvogels van de Waddenzee onderzocht: de kanoet, de drieteenstrandloper, de rosse grutto, de rotgans en de lepelaar. Ze bekeken de vogels niet als ‘bewoners’ van die Waddenzee, maar als gebruikers van een veel groter systeem waar het wad een belangrijk onderdeel van is: het ‘metawad’.
Knooppunt Waddenzee biedt een kleurrijk pallet van portretten van de wetenschappers, die ploeterend met palen en hekwerk achterop hun ets over de kwelder trekken, of uren achtereen in weer en wind – of juist bakkend onder de Afrikaanse zon – naar vogels met kleurringen aan hun pootjes staan te zoeken. Het biedt ook portretten van de vijf onderzochte vogelsoorten. Wat weten we van deze dieren? En vooral: hoe kunnen overheden of natuurbeheerders hun voordeel doen met deze wetenschap?





