Eigenheid

Het belang van regionale culturen
Sietske Poepjes

 24,90

Hoe ontstaan regionale culturen? Zijn ze de moeite waard om te behouden? Op zoek naar antwoorden op deze vragen, neemt de Friese politicus Sietske Poepjes ons mee op een persoonlijke en historisch getinte rondreis die begint in Sneek en die – via Joods Antwerpen, The Middle of Nowhere, Groningen en Boedapest – daar ook weer eindigt.
De Friese cultuur blijkt overeenkomsten te hebben met die van andere regionale minderheidsgroepen. Dat komt door een gedeelde achtergrond van onderdrukking en agressie. Toch heeft ieder volk ook een eigen karakter en een zelfstandige blik op eigenheid. En juist dat maakt ze zo waardevol.

Sietske Poepjes (Harlingen, 1979) is een jurist en CDA-politicus. Ze studeerde Staats- en Bestuursrecht en Rechtstheorie aan de Rijksuniversiteit Groningen en werkte daarna als beleidsmedewerker ruimtelijke ordening en als juridisch controller bij de gemeente Lemsterland. Daarna was zij juridisch adviseur bij de Stichting Duurzame Garnalenvisserij en lid van de Provinciale Staten van Fryslân. Sinds 2011 is zij lid van de Gedeputeerde Staten van Fyslân. Ze bekleedde diverse portefeuilles en heeft sinds 2019 de portefeuilles Klimaat, Energie, Cultuur, Onderwijs en taal. Daarnaast was zij tot de zomer van 2023 loco-commissaris van de Koning.

Verschijningsvorm:
Paperback
Taal:
Nederlands
Uitgeverij:
Noordboek
Aantal pagina's:
240
Druk:
1
ISBN:
9789464711110
Gewicht:
376 gram
Afmeting:
215x140x24 mm
Uitgiftedatum:
06-07-2023

Gerelateerde boeken

  • Kamp Westerbork gefilmd

    Kamp Westerbork gefilmd

    Het verhaal over een unieke film uit 1944
    Gerard Rossing, Koert Broersma
     22,50

    Kamp Westerbork gefilmd

    In 1944 werden in kamp Westerbork op uitgebreide schaal filmopnamen gemaakt. Dit materiaal is uniek; het zijn voor zover bekend de enige filmbeelden uit de nazi-kampen in oorlogstijd. Wereldberoemd zijn de fragmenten geworden van het angstig uit een wagon kijkende meisje of van de vertrekkende deportatietrein. Hoewel velen deze beelden kennen, was er decennialang weinig bekend over de film. Onderzoekers Koert Broersma en Gerard Rossing beschrijven in Kamp Westerbork gefilmd de resultaten van hun diepgaande research naar de achtergronden van deze film, die in 2017 werd opgenomen in het Unesco Memory of the World Register. Hiermee zijn de film en het bestaande filmscript officieel erkend als documentair werelderfgoed.

    In dit boek worden eerdere conclusies tegen het licht gehouden en zijn alle recente ontwikkelingen en uitkomsten verwerkt. Bij het nieuwe onderzoek kwamen vele opmerkelijke feiten naar voren. Zo werden bijvoorbeeld tot voor kort onbekende personen op de filmbeelden geïdentificeerd. De analyse van de onlangs gerestaureerde (en gedeeltelijk ingekleurde) beelden gaf ook andere geheimen prijs. Deze leveren een boeiende reconstructie op van het hoe en waarom van de Westerbork-film en voegen een nieuwe dimensie toe aan één van de belangrijkste visuele getuigenissen uit de Tweede Wereldoorlog.

    Koert Broersma (1955) schreef tot dusverre diverse boeken over uiteenlopende onderwerpen. Als vrijwillig onderzoekmedewerker was hij enkele jaren verbonden aan Herinneringscentrum Kamp Westerbork. In 1993 zag zijn biografie Buigen onder de storm, over de Amsterdamse journalist Philip Mechanicus het licht. In 2019 verscheen hiervan een herziene en aangevulde druk. In 1997 publiceerden Gerard Rossing en hij de eerste editie van Kamp Westerbork gefilmd, gebaseerd op het onderzoek dat zij naar deze film verrichtten. In 2016 publiceerde Broersma een interviewbundel over de Drentse bluesband Cuby & the Blizzards (Somebody will know someday), dat een jaar later de Publieksprijs van de Drentse Historische Vereniging won.

    Gerard Rossing (1959) werkt als documentalist bij Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Hij hielp Broersma bij de herziene versie van de Mechanicus-biografie Buigen onder de storm en was in de jaren negentig van de vorige eeuw intensief betrokken bij het oorspronkelijke onderzoek naar de Westerbork-films. Voor deze nieuwe, herziene uitgave werkten Rossing en Broersma wederom samen.

     22,50
  • It Frysk is dea en oare fleurige ferhalen

    It Frysk is dea en oare fleurige ferhalen is in samling gedichten en koarte ferhalen. It is proaza en poëzy oer it deistige libben, mar mei in flinke knypeach. Fleurige ferhalen en oertinkingen, fan ‘De hûnen fan Barry Hay’ oant ‘De Hooliganbus’ en de absurdistyske gedichten ‘By de kofje-automaat’. Want der mei bêst wat mear lake wurde yn de Fryske literatuer.

    Freddie Scheltema (Easterein, 1960) skriuwt yn it Nederlânsk, mar foaral yn it Frysk. Yn syn tiid op de middelbere skoalle hie er graach wat flottere Fryske boeken lêze wollen foar syn boekelist. Dêrom begûn hy yn 2010 sels mei skriuwen.

     12,50
  • Humor in Grunnegerlaand

    Een heruitgave ter gelegenheid van de 150e geboortedag van Kornelis ter Laan – 8 juli 2021
    Kornelis ter Laan werd in Slochteren geboren op 8 juli 1871. Hij ontwikkelde zich tot onderwijzer, schoolhoofd, politicus en burgemeester, folklorist, taalkundige en publicist. In Groningen werd hij vooral bekend vanwege zijn Nieuw Groninger Woordenboek en als nestor van het Gronings-eigene. In 1947 verscheen de eerste druk van Humor in Grunnegerlaand. Hierin verklaart de auteur uitdrukkingen en grapjes en rijgt hij de verschillende onderwerpen op de voor hem zo kenmerkende manier aaneen; gemoedelijk en met een warm hart voor zijn ‘laive laandlu’. Johan Dijkstra, bekend van kunstkring De Ploeg, leverde de ‘schilderkes’. Ter Laan sluit dit vrolijke boek serieus af met de volgens hem broodnodige ‘regels voor de eenheid van spelling van alle Groninger dialecten’.

    Ter Laans werk is van blijvende waarde voor Groningen en de Groningers. Zijn jongste kleindochter nam daarom het initiatief tot deze heruitgave: dit unieke werkje vol humoristische verhalen en anekdotes met de originele tekeningen van Johan Dijkstra zorgt voor ‘Grunnegs plezaaier in vrouger doagen’.

     14,90
  • Spitten voor de vijand

    Spitten voor de vijand

    Het verhaal van strafkamp Yde en de tewerkstelling in Drenthe
    Erik Dijkstra
     22,90

    Spitten voor de vijand

    Meer dan honderdduizend mannen werden vanaf september 1944 opgeroepen om te werken aan Duitse verdedigingswerken in Nederland. In de nog bezette provincies werden de arbeiders gedwongen tewerkgesteld aan de bouw van tankgrachten, loopgraven en schuttersputjes, vaak onder slechte omstandigheden. Voor de Duitsers was het belang groot om de geallieerden zo lang mogelijk tegen te houden. Er werd dan ook hard opgetreden tegen weigeraars.

    Voor velen waren de principiële bezwaren te groot, zij besloten onder te duiken. Anderen hadden die mogelijkheid niet. Zij probeerden zich aan te passen aan de omstandigheden en saboteerden waar ze maar konden. Een groot deel van deze zogenoemde spitters zag kans om te vluchten of keerde niet terug van verlof. Zij waren daarna veroordeeld tot een leven als onderduiker. Zij die als onderduikers tijdens de vele razzia’s, of door verraad, werden gepakt, kwamen na een verblijf in een gevangenis in een strafkamp in Duitsland of Drenthe terecht.

    Eén van die mannen was Eelke Dijkstra. Samen met dertig anderen werd hij in november 1944 vanuit het Huis van Bewaring in Leeuwarden overgebracht naar Yde, een klein Drents dorpje onder de rook van Groningen. Zijn oorlogsdagboek was voor zijn kleinzoon en auteur Erik Dijkstra aanleiding om onderzoek te doen naar het vergeten strafkamp in Yde. Wat volgde was een reis door de geschiedenis waarin bijzondere ontdekkingen werden gedaan en veel betrokkenen voor het eerst hun verhaal vertelden. Door intensief archiefonderzoek kwamen schokkende feiten boven water over vier gefusilleerde dwangarbeiders in november 1944. De vele brieven, dagboeken en getuigenissen vertellen samen het verhaal van strafkamp Yde en de tewerkstelling in Drenthe.

    Erik Dijkstra is schrijver/journalist en doet al jaren onderzoek naar de tewerkstelling in Drenthe.

     22,90