-
Bekentenissen en banvloeken
‘Cioran is zwart en cynisch, maar nooit grauw. Zijn stijl is lucide, geestig, scherpzinnig. In zijn werk komt geen saaie zin voor.’ — Jan Siebelink
Na het schrijven van dit even navrante als geestige slotstuk besloot de Roemeense denker Emil Cioran (1911-1995) dat hij ‘het heelal genoeg belasterd had’. Hij schreef niet verder. Bekentenissen en banvloeken is een boek met bijtende aforismen over verveling, erfzonde, orgasme, Stalin, Keats, Heidegger, Bach, de kerkvaders, islamitische mystici, begraafplaatsen en veel meer.
De alomtegenwoordigheid van het lijden, de irrealiteit van het bestaan, de futiliteit van elk handelen en terugkerende slapeloosheid vormen de basso continuo van dit meesterwerk, want: ‘Het is terecht dat men in elk tijdperk gelooft dat men het verdwijnen van de laatste sporen van het aardse Paradijs bijwoont.’Emil Cioran was van Roemeense komaf, studeerde filosofie en schreef vanaf 1949 uitsluitend nog in het Frans. Dagenlang at hij soms niets dan aardappelen; alle arbeid noemde hij ‘hoererij’, al erkende hij ‘graden van prostitutie’. Hij las en schreef, geplaagd door slapeloosheid en depressies. Elk nieuw boek was ‘een uitgestelde zelfmoord’. De slotzin van dit boek typeert Cioran. ‘Ook ik heb mij, net als iedereen, onledig gehouden in dit abnormale universum.’
-
Gelul
Waarom zou je je bekommeren om de waarheid als je ook in gelul kunt leven? Of lukt dat misschien toch niet?
Dit vlot geschreven boek onderzoekt onze bullshit — de kleine en grote leugentjes, de halve waarheden, de vergissing, de pertinente onzin en het wollige geouwehoer. Onze wereldbeelden blijken vaak niet meer dan echokamers waarin de taal met ons aan de haal gaat en de (onbedoelde) leugen regeert. Dat is niet helemaal te vermijden. Maar deels wel. Met wat basale filosofische inzichten kun je je wapenen tegen het ergste gelul in je binnenruimte. En wat de echoënde buitenruimte — die wereld van de meningen — betreft, zullen we die eens vullen met kritische vrienden?
Don Croonenberg is theoloog en ghostwriter. Hij verdiepte zich uitvoerig in filosofie en logica en publiceerde meerdere boeken. -
De butlermoord
Het is een van de beroemdste moordzaken in Nederland: de butlermoord. Volgens politie, Justitie en enkele rechters heeft hulpverlener annex butler Van Leeuwerden zijn vermogende opdrachtgeefster vergiftigd. Hij zou dat hebben gedaan met extreem sterke rum. Kort daarvoor was hij, terwijl hij homoseksueel was, met haar getrouwd.
De zaak oogt verdacht, maar wat zijn de feiten? De rum was, in tegenstelling tot wat het Openbaar Ministerie betoogt, niet bijzonder sterk. Het alcoholpercentage in het bloed was te laag om aan dood te gaan. Er is dus geen moordwapen en geen bewijs van een moord. Het staat intussen wel vast dat Van Leeuwerden heel zorgzaam was voor zijn opdrachtgeefster. Is het dan niet logisch dat zij geld aan hem wilde nalaten? En was de keuze voor een huwelijk daarbij niet ook logisch?Ton Derksen is emeritus hoogleraar wetenschapsfilosofie aan de Radboud Universiteit. Hij publiceerde meerdere boeken over waarheidsvinding en gerechtelijke dwalingen, waaronder Lucia de B. en Onschuldig vast. Bij Noordboek publiceerde hij eerder Het falen van de Hoge Raad.
-
God, de staat en andere vormen van dictatuur
Schud jezelf wakker uit je religieuze en kapitalistische sluimer!
« Als God bestond, zou men hem moeten afschaffen,» schrijft de Russische filosoof Michail Bakoenin in zijn essay ‘God en de Staat’. Bakoenin pleit voor een samenleving zonder God, zonder meester, zonder dictator, zonder wetenschappelijke genootschappen die ons van alles voorschrijven, zelfs zonder staat. Zijn belangrijkste teksten over vrijheid en dictatuur zijn hier opgenomen met een inleiding door Paul van Dijk.
Michail Bakoenin (1814–1876) was een Russische anarchistische filosoof. Tegenover het communistische ideaal van een sterke staat plaatste hij het idee van federale gemeenschappen met zelfbestuur. In 1848 was hij betrokken bij de opstanden in Parijs en Praag.
-
De romantische leugen en de romaneske waarheid
Hét standaardwerk over de mimetisch begeerte in een herziene vertaling.
‘Je kunt zelf bepalen wie je wilt zijn!’ Nou, nee dus. Het idee van authentieke zelfbepaling is een romantische leugen. De waarheid is namelijk dat we in relaties leven en grotendeels onbewust maar diepgaand beïnvloed worden door de ander (mimesis). Tot in onze begeertes aan toe. We begeren wat de ander begeert.
Alle grote romanciers lijken deze waarheid te hebben onderkend. Cervantes, Stendhal, Flaubert, Proust, Dostojewski, allemaal beschrijven ze driehoeksverhoudingen en de daaruit voortkomende gevoelens van afgunst, jaloezie en impotente haat. Hoe pijnlijker deze gevoelens worden, hoe meer we geneigd zijn ons aan de romantische illusie vast te klampen. Is er ontsnapping mogelijk aan de romaneske leugen? In dit meesterwerk uit de mens- en literatuurwetenschappen houdt de Franse cultuurfilosoof René Girard die optie open. Misschien wel. De grote romanciers wijzen een weg.René Girard (1923-2015) wordt beschouwd als een van de grootste vernieuwers in de hedendaagse menswetenschappen. Als Frans filosoof, historicus en literatuurwetenschapper doceerde hij onder meer aan Stanford University en was hij lid van de prestigieuze Académie française.
-
Een politiek gevangene in Nederland
Heeft Nederland een politieke gevangene? Het schokkende antwoord is: ja. De Koerdische politieke leider Hüseyin Baybasin zit al ruim 25 jaar vast in Nederland. Na de oprichting, in Den Haag, van het Koerdisch Parlement in Ballingschap werd hij in de raderen van de wereldpolitiek vermalen. Wetenschapsfilosoof Rein Gerritsen laat zien hoe een Turks-Nederlandse politie-eenheid bewijs vervalste, waarna criminologen, vertalers, rechters, raadsheren en politici in het web van leugens verstrikt raakten. Het voorwoord bij deze biografie is geschreven door een aantal gevangenisdirecteuren. Zij verzetten zich openlijk – heel ongebruikelijk voor ambtenaren – tegen Baybasins onterechte opsluiting.
Rein Gerritsen (1959) studeerde wijsbegeerte, natuurkunde en theoretische psychologie aan de Universiteit Utrecht. Hij is al jaren actief als wetenschapsfilosoof, vertaler en schrijver. Hij publiceerde eerder onder meer het boek James en vertaalde William James’ boek Pragmatism.
-
De lach van de Boeddha
In de zesde eeuw voor Christus ontwikkelde de Boeddha een praktische levensfilosofie. Na zijn dood legden boeddhistische monniken zijn uitspraken vast in talloze sutta’s (Pali-Canon). Latere denkers zoals Nagarjuna (ca. 150–250) en Shantideva (ca. 685–763) werkten de boeddhistische filosofie op hun eigen wijze verder uit.
Ward Vandepitte, filosoof, promovendus aan de Radboud Universiteit en praktiserend boeddhist, legt in dit boek op heldere wijze uit wat de kernideeën zijn van het boeddhisme. Hij laat zien hoe je het boeddhisme in je eigen leven kunt toepassen. Het boeddhisme is namelijk meer dan een leer; het is ook een praktijk. Het helpt je in je dagelijkse leven bij het maken van keuzes, het omgaan met de dood, het vormen van een zelfbeeld en onthaasting.Een toegankelijke, diepgravende, vernieuwende en praktisch toepasbare ontmoeting met het boeddhisme.
Met een voorwoord door Prof. Paul van der Velde. -
Wat zouden dieren zeggen als we ze de juiste vragen stelden?
Een must voor iedereen die met dieren werkt en een genot voor iedereen die al grinnikend wil begrijpen hoe dieren denken.
Staan koeien de hele dag te niksen? Maken vogels kunst? Kunnen apen werkelijk na-apen? Zien dieren zichzelf zoals wij hen zien? Kunnen ze in opstand komen? En — misschien een vreemde vraag — is het wel gepast om in hun bijzijn te plassen?
In dit boek beantwoordt de Belgische filosofe Vinciane Despret zesentwintig verrassende vragen die vastgeroeste ideeën over dieren op de proef stellen. Ze laat onderzoekers, filosofen en dierverzorgers aan het woord en laat zien hoe we anders over dieren kunnen denken.
Met een voorwoord van Bruno Latour en een nawoord van Michel Vandenbosch
Vinciane Despret is filosoof aan de Universiteit van Luik. Ze schreef meerdere boeken over dieren, waaronder Bêtes et hommes (Gallimard, 2007) en Penser comme un rat (Quae, 2009). -
Mens & ruimte
In 1963 publiceerde de Duitse natuurkundige en filosoof Otto Friedrich Bollnow dit standaardwerk over de relatie tussen mens en ruimte. We lezen over de plekken waar we wonen en werken; over schimmige ruimten, de prettige omgeving en angstaanjagende ruimten. Bollnow legt uit hoe we ruimten ervaren en waarom we op sommige plekken aarden en op andere niet. In het bijzonder bij antropologen, pedagogen en architecten behoort dit boek, dat in tal van talen is vertaald, inmiddels tot de verplichte literatuur.
‘Wat valt van Bollnow te leren? Bijvoorbeeld dat normen en waarden niet alleen een kwestie zijn van recht en orde, fatsoensregels en gezin, stadswachten en tourniquets, maar ook van joie de vivre, hoogwaardige stedenbouw en voldoende groen. Tijd om Bollnow aan de vergetelheid te ontrukken.’ – Jos Simons in Trouw
‘Bollnow zoekt in zijn filosofie naar de kenmerken van ‘de gelukkige ruimte’; de ruimte waarin mensen zich kunnen ontplooien. Hij streeft naar ruimtes waarin je je kunt settelen zonder te verstijven, waarin je wortel kunt schieten zonder jezelf te isoleren en waarin je jezelf kunt vertrouwen zonder jezelf op te geven.’ – Frankfurter Allgemeine Zeitung
-
Geschonden wereld
Midden in de Tweede Wereldoorlog schrijft historicus Johan Huizinga zijn laatste werk, een boek met een veelzeggende titel: De geschonden wereld. Door de opkomst van de massacultuur, het fascisme, en zeker het nazisme, ligt de beschaving onder vuur. De beschaving is niet alleen in de praktijk teloorgegaan, ook als idee ligt ze onder vuur. Huizinga vraagt zich af of het tij te keren is. Herstel van de beschaving is mogelijk, stelt hij, als we afstand nemen van massacultuur en materialisme. Zo scheppen we ruimte voor het individu en de geest.
Helaas weer actueel
Johan Huizinga (1872-1945) was Nederlands invloedrijkste historicus van de twintigste eeuw. Hij publiceerde onder meer het wereldberoemde Herfsttij der Middeleeuwen en het filosofisch getinte Homo Ludens.
-
Verhandeling over de aanleg van vrouwen voor de wetenschap
De begaafde Anna Maria van Schurman kreeg als eerste vrouw in Nederland toestemming om colleges te volgen. De Universiteit van Utrecht bouwde voor de gelegenheid een hokje met een gordijntje voor haar. Van Schurman kon van daaruit de colleges van theoloog Voetius bijwonen, zonder daarbij de mannelijke studenten af te leiden.
In dit korte essay uit 1641 legt Van Schurman uit waarom het logisch is om meer vrouwen toegang tot de
universiteit te verlenen. Het argumentatieve geschrift inspireerde Margaret Cavendish en Mary Wollstonecraft en gaf de aanzet tot de eerste feministische beweging. Het zeer invloedrijke essay verschijnt in een geactualiseerde vertaling van Renée Ter Haar, met een voorwoord van Angela Roothaan. Jacob Bouwman zorgde voor de selectie van relevante brieven.“Wat een genot om zo’n erudiet pleidooi te lezen van een moedige vrouw. In zijn opdracht noemt tijdgenoot Johan van Beverwijck haar ‘onsterfelijk sieraad onder de vrouwen’. Met recht.” – Trouw
-
Grenzen van de gemeenschap
Standaardwerk over politiek filosofie
Wie radicaal is, heeft idealen die in steen zijn gebeiteld. Maar de mens zelf is niet van steen. We vallen nooit helemaal met onszelf samen, en dus ook niet met onze idealen. Neem geweldloosheid. Zeker iets om naar te streven, maar kun je echt altijd geweldloos zijn? Vanuit deze gedachte – streef idealen op een open manier na – ontwikkelde de Duits-Nederlandse denker Helmuth Plessner (1892-1985) een politieke filosofie.
Helmuth Plessner ontvluchtte Duitsland in 1933 en accepteerde een hoogleraarschap in Groningen. Tijdens de oorlog dook hij onder in Amsterdam om na de oorlog in Groningen terug te keren. Intussen steeg zijn roem – mede door zijn bekende boek Lachen en wenen. Na 1945 keerde hij terug naar Duitsland, waar hij als vooraanstaand denker zijn stempel op de Duitse cultuur drukte.
Jan Vorstenbosch verzorgde deze eerste vertaling van Grenzen van de gemeenschap.